Toen Sjakiamoeni Boeda op de berg Grdrakoeta was stak hij voor het oog van zijn toehoorders een bloem omhoog. Iedereen was stil. Alleen Mahakasjapa lachte breeduit. De ontwaakte zei : Ik heb het ware dharmaoog, de wonderbaarlijke geest van Nirvana, de ware vorm van het vormeloze, en de fijnzinnige dharmapoort, onafhankelijk van woorden en overgebracht zonder onderwijzing. Deze heb ik toevertrouwd aan Mahakasjapa.