Categorie: Kamperen en trekken

  • Micro-avontuur op een warme dag

    In de middag ging ik erop uit om materiaal te vinden voor een vuurboog. Op Discovery Channel komen met regelmaat van klok mannen voorbij die vuur maken met een vuurboog. Zo’n man wil ik ook wel zijn.

    Het was onbarmhartig warm. Sneller dan slenteren was niet mogelijk en bovendien, bij vakantie hoort een meditatieve houding. Zo langzaam als ik de straat uitliep was ik nog nooit de straat uitgelopen. Ik zag van alles, takjes, bladeren, een ingevallen schuur die me nog nooit was opgevallen, hijgende kraaien. Heel weinig vogels, trouwens, die zaten natuurlijk lekker op een tak in de schaduw te chillen.

    Het viel nog niet mee om in ons goed onderhouden land een dode tak te vinden, maar op het bedrijfsterrein stak een dode staak uit een vlierstruik, die me graag toeëigende. Het verbaasde mij hoe hard hij was. Ik dacht dat vlier zacht was.

    Nu ik toch bezig was liep ik een rondje langs het kanaal, het grote, brede kanaal met grote schepen. Her en der aan de overkant zwommen of lagen groepjes jongeren. Het was heerlijk om ook even het water in te gaan en op en neer te zwemmen naar de overkant.

    Op de terugweg vond ik de eerste rijpe bramen van dit jaar.

    Het vuur maken mislukte. Het touw slipte op de spindel en de tak die ik als boog had uitgekozen brak al gauw.  Ik probeerde nog een vuurploeg te maken van de resterende onderdelen, maar later las ik, dat dit nog moeilijker was dan een vuurboog. Toch een leuke dag gehad.

  • Survival, mislukte oriëntatie en kou

    Tegen half tien ga ik naar het recreatiegebied met het voornemen een rondje door het gebied en het noordelijk gelegen meer te maken. Het is kouder dan ik dacht. Tot mijn verdriet doet mijn rechterhak zeer bij elke stap. Het stuk in de schemer door het grasland en over het golfterrein gaat prima. Het is leuk om illegaal over het terrein te lopen. Aan de overkant van de weg gaat het mis. In een bosje buig af naar het oosten en raak de weg kwijt. Oriënteren op de Poolster lukt niet. Ik vertrouw hem niet. Ik zwem nog een paar stukken water over en beland uiteindelijk bij de camping. Ik doe moeilijk om erop te komen. Eén maal op de camping blijkt er gewoon een open hek te zijn. Ik weet hoe het werkt op en camping en kan gewoon doen alsof mijn tent er staat. Dan ben ik al onderkoeld, ik klappertand nog net niet, maar ik moet nog een heel eind door het water. Ik zwem een stuk water over naar het ´dierenpark´. Daar moet ik een hek over klimmen. Dank zij de bootcamptraining lukt dat. De onderkoeling wordt erger. Ik zwem nog een drie, vier stukken water over. Onderhand maakt de kou me bang. Zo snel mogelijk leg ik de kilometer naar de auto af. Nog een stuk zwemmen en volledig onderkoeld kom ik bij de auto terug. Het stuk rond het noordelijke meer heb ik voor geen meter gehaald.

  • Jungfraujoch

    Het Jungfraujoch is het laagste punt tussen de Jungfrau en de Mönch, twee toppen in Zwitserland. Naast de Mönch staat de Eiger, beroemd om zijn steile noordwand. Door de bergen loopt een treinspoor, zodat je zonder moeite heel hoog de bergen in kunt. Waarna je binnen tien meter lopen tussen de noedels slurpende Chinezen staat te happen naar adem : zuurstoftekort op hoogte.

    JungfraujochEr loopt een pad naar de Mönchjochhütte, een flat van drie verdiepingen die tegen die Mönch aangeplakt zit. Het pad begint natuurlijk met vermaak, alleen natuur is saai, en zoveel natuur is er niet, er is alleen steen en sneeuw, nog saaier. Wel vliegt er een klein soort kraai. Hoewel, ze zijn wel helemaal zwart en krassen wel als kraaien, maar met een heel hoog stemmetje, waardoor ik toch twijfel of het kraaien zijn. Op 3500 m hoogte, waar leven ze van ? Toeristenafval ?

    Als we het pad een eindje opgelopen zijn en de drukte al wat vermindert, begint het achter ons te rommelen. Meestal wil S door, maar dit keer wil zij terug en wil ik doorlopen. Die hut is toch wel vlak bij, niet. Nou, dat is wel zo, maar dezelfde afstand omhoog lopen over sneeuw, dat kost wat meer tijd.

    MönchjochhütteGelukkig zet het onweer niet door. Wij bereiken de Mönchjochhütte en vergapen ons aan de echte klimmers, in hun echte klimmerskloffie, die druk zijn met klimtouwen, weliswaar gewoon plat op de sneeuw, maar het wel heel ingewikkeld. De hut is een sportcomplex. Beneden zijn kleedkamers met bakken, waar de bergsporter zijn uitrusting in kan bewaren. Boven is een kantine met blank gelakte banken en tafels, verfomfaaide bergsportboeken en bergsporttijdschriften en een oude landkaart aan de muur. In de keueken staat een lange, dunne Japanner af te wassen. We drinken een vreselijk dure kop oploskoffie of -cacao.  

    Op de terugweg zijn we de enige op het pad, afgezien van de lange Japanner op rubberlaarzen, die ons in een noodtempo achterop komt lopen. Hij moet de trein halen. De wereld is wit en geluid is gedempt, net als bij ons, als er sneeuw ligt. Maar regelmatig horen we stenen vallen of ijs afbreken.

    Terug bij het station blijkt het pad vanwege onweersdreiging gesloten te zijn toen wij nog naar de berghut aan het lopen waren.

  • Mediteren onder een koude douche

    Een experiment. Ik heb verhalen gelezen over zenbeoefenaren, die onder een waterval mediteerden. Meestal hielden ze er kwetsuren aan over. Ik zat buiten, op een warme dag met weinig wind, op een beschutte plek. Het water was wel koud, maar bij lange na niet de hoeveelheid van het bergstroompje dat ik me voorstel van een Japanse beoefenaar. Zeven minuten had ik me voorgenomen, niet erg lang dus. Het was prima te doen. Alleen het plekje op mijn kruin waar geen haar zit, werd wat koud.

    2015-07-11 Mediteren B

  • Alcoholbranderstander

    Stander voor alcoholbranderEen stander voor om mijn alcoholbrander.

  • Naakt en bang (Naked and afraid)

    Begin dit jaar zag ik voor het eerst een aflevering van Naked and afraid, een programma van Discovery Channel, waarin een man en een vrouw moeten overleven in een onbewoond gebied, zonder kleding en met slechts één hulpmiddel per persoon. Een intrigerend programma.

    Naakt

    Ik vind het een mooi gegeven dat de deelnemers naakt zijn. Ze hebben niets om op terug te vallen, ze zijn zoals ze zijn en niets meer. Geen kleding maakt kwetsbaar. Sommige deelnemers in sommige gebieden lijden aan massa’s bulten en andere wondjes. Aanhoudende tropische regens onderkoelen deelnemers, ook in heel warme klimaten.

    Het valt me op dat veel vrouwen zich op den duur bedekken. Hetzelfde patroon vind je op naaktstranden, veel meer mannen dan vrouwen. In alle nabeschouwingen meldde iedereen, dat ze binnen de kortste keren vergeet dat je naakt bent en dat de ander naakt is, maar na verloop van tijd herinnerde men zich dat toch weer. Blijkbaar.

    In het begin vond ik het flauw dat borsten, kutten en piemels werden vervaagd. Ik zou het juist mooi vinden om de mensen gewoon naakt bezig te zien. Maar ik begrijp wel dat door het vervagen de nadruk komt te liggen op het overleven en niet op de naaktheid.

    Seks

    Geen. Koppels liggen ’s nachts tegen elkaar om elkaar warm te houden, en soms niet, om geloofsredenen, maar net als thuis : bij spanning of vermoeidheid geen seks. In het begin, als ze nog ontspannen en energiek zijn, kennen ze elkaar onvoldoende voor seks en als ze elkaar genoeg kennen, zijn ze te uitgeput. En kunnen ze elkaar soms niet meer uitstaan.

    Bang

    De deelnemers zijn helemaal niet bang. Ze zijn moe, uitgeput, ten einde raad, boos, chagrijnig, euforisch, maar nauwelijks bang. Zo af en toe eens voor een eng beest. Ze staan in de overlevingsstand en dan is voor angst blijkbaar niet zoveel plaats. Maar ja, alleen ‘naakt’ als programmatitel wijst in niets op overleven. Waarom geen Naked survival ?

    Uitrusting

    Elke deelnemer met één hulpmiddel meenemen. Interessant is wat ze meenemen.

    • Niemand neemt kleding mee. De kleding waar het meest behoefte aan is, is schoeisel, maar alleen in sommige omgevingen. Waar het veel regent is behoefte aan kleding die daartegen beschermt en tegen de kou van het water.
    • Mes, kapmes, bijl. Elk koppel neemt iets om mee te snijden en te kappen, meer nog dan iets om vuur mee te maken. Zonder snij of kapding wordt onderdak moeilijker
    • Ik zag iemand met een gasaansteker. Waarom ook niet, als het ding tegen vocht kan en genoeg gas heeft voor 21 dagen, hoewel dat laatste niet eens nodig is, als je sintels kunt bewaren. Hij moet wel om de nek kunnen hangen. Eén koppel raakte de vuurmaker kwijt.
    • Voor zover ik weet nam één deelnemer een kookpot mee in plaats van een vuurmaker. Vervolgens lukte het dagenlang niet om met een vuurboog vuur te maken, dus hadden ze niets aan de pot. Maar toen het vuur er was konden de man – de vrouw was intussen opgestapt – soep maken van palmhart en krab. In een soep blijven meer voedingsstoffen bewaard, ik heb een aantal keer gezien dat een kostbaar stukje vlees in het vuur viel of boven het vuur verbrandde.
    • Duct tape. Leuk idee. Werd vooral gebruikt om kleding voor de vrouw mee te maken. Niet praktisch.

    Wat verder opviel

    • De onderkomens waren zo lek als een mandje. De koppels besteedden geen energie aan water- en winddichtheid, hoewel ze daar best tijd voor gehad moeten hebben.
    • Mensen zijn zo snel onderkoeld. Beetje langdurige regen op de naakte huid …
    • Mensen kunnen heel lang zonder eten.
    • De deelnemers waren erg gefixeerd op vlees, eventueel aten ze insecten, maar ze aten nauwelijks planten. Waren die er niet of wisten de deelnemers niet hoe ze te vinden ? Soms waren er vruchten, waar beschikbaar aten ze kokosnoten of palmharten, maar dat was het wel. Het zou leuk zijn om te weten wat inheemse mensen uit hun omgeving weten te halen. Aan de andere kant is een gebied onbewoond juist omdat er geen middelen van bestaan zijn.
    • Vlees werd altijd boven een vuur geroosterd. Geen van de koppels kookte op warme stenen of op ingegraven warmte.
    • Slangen zijn een handige bron van voedsel. Het valt blijkbaar wel mee om een slang te vangen.
    • Voor zover ik kan beoordelen wisten de deelnemers weinig van het gebied waar ze heengingen. Ik heb ergens gelezen dat ze vijf dagen hadden om zich voor te bereiden, maar dat is blijkbaar te kort om te weten hoe je aan voedsel kunt komen.
    • Slaaptekort is erger dan voedseltekort.
    • De prioriteiten zijn : 1) drinkwater ; 2) afhankelijk van de omstandigheden, onderdak of vuur om drinkwater te koken of vuur voor warmte ; 3) voedsel en vuur om het te bereiden.
  • Gebroken nachten zijn de norm

    Een artikel in Quest Psychologie, 2014-08, blz 93

    Hoe slapen we als we niet langer worden omgeven door lampen, lantaarnpalen, tv’s en andere schermpjes ? Wat gebeurt er als we leven zoals lang geleden, toen we opstonden wanneer de zon opkwam en naar bed gingen wanneer de zon onderging ?

    De Amerikaase psychiater Tom Wehr voerde een experiment uit waarbij deelnemers overdag normaal leefden maar ’s avonds verstoken bleven van lichtbronnen. Iedereen ging veel vroeger naar bed. Maar de slaap werd ook anders. Nooit sliepen de proefpersonen een nacht door. Eerst sliepen ze drie tot vijf uur, daarna weren ze twee uur wakker, om vervolgens aan een tweede slaaprond van drie tot vijf  uur te beginnen. ’s Nachts wakker liggen is dus niets om je zorgen over te maken. Vermoedelijk is het een natuurlijk slaappatroon, overgebleven uit de tijd dat er nog geen neplicht was.

    Het begin van de slaap is verbonden met een toename van het hormoon melatonine. De afscheiding van het hormoon door een gebied in de hersenen wordt aangezet door duisternis.

  • Primitieve camping

    Primitieve Staatsbosbeheercamping HorsterwoldStaatsbosbeheer heeft sinds niet al te lang een aantal primitieve campings, waaronder één in Flevoland, in het Horsterwold. Ik heb daar gekampeerd, één nacht slechts. Het is een prachtig initiatief, een veldje van 30 bij 10 meter, met achteraf in het hakhout een kakdoos, een doos met een wc bril op een vierkant gat ( werkt perfect ). Als ik goed heb rondgekeken was er geen waterpomp. Je zet je auto op een parkeerterrein, loopt een eind op een fietspad, dan nog een eind over een karrespoor en dan nog over een graspad – niets is aangegeven.

    Kakdoos met wc-bril op SBB camping Horsterwold

    Toen ik er kampeerde was er een verjaardagsfeestje van een groep van vooral jongetjes van tien. Ze moeten een prachtige tijd hebben gehad. Met elkaar rommelen, kampvuur stoken en in een tent slapen. Naast mij was een man primitief kamperen aan het oefenen, weer primitiever dan ik : slapen onder – naast – een lintoe gemaakt van een poncho en koken op hout. Ik gebruikte een esbitbrander en een tarp, en voor het eerst een klamboe. Beviel goed natuurlijk, geen gezoem om het hoofd en geen geprik in het hoofd.

    Het vallen van de nacht en het ochtendgloren zijn altijd weer zo mooi om mee te maken.

  • Panforte : krachtsnoep

    PanforteEr zit vooral heel veel suiker in, heel slecht dus, maar ook behoorlijk noten, dat scheelt weer, en meel. Heel veel energie dus, kort en lang, en door de geconfijte sinasappelschil en de sukade ( ook een citrusschil ) is het ontzettend lekker. Ideaal om tijdens een koude, vermoeidende, lange wandeling naar uit te kijken en mee op kracht te komen. Je kunt kleine stukjes nemen, dat is genoeg, het heeft een lange nasmaak. Het is makkelijk te maken. Het venijn zit in afwas. Je blijft zitten met een kom taaie, harde stukken opgdroogde suiker met meel. Panforte is lang houdbaar. In theorie. Het is te lekker.

     De ingrediënten

    •  250 g. bloem
    • 200 g. honing
    • 250 g. witte basterd
    • 400 g. noten ( amandelen en hazelnoten  )
    • 100 g. gekonfijte sinaasappelschil
    • 100 g. sukade
    • 1 el. kaneelpoeder
    • 2 tl. geraspte nootmuskaat

     De bereiding

    1.  Verwarm de oven voor tot 150 graden.
    2. Beboter een taartvorm vna 24 cm. met boter.
    3. Knip bakpapier zodat je de bakvorm ermee kunt bedekken.
    4. Op laag vuur de suiker in de honing oplossen. Indien nodig 2 el. water toevoegen.
    5. Licht laten karameliseren  ( 5 tot 10 minuten  ).
    6. Bloem, kruiden, noten en vruchten mengen.
    7. Honing en opgeloste suiker toevoegen.
    8. In de bakvorm doen. Met natte handen plat maken.
    9. 30 minuten bakken.
    10. Bestrooien met maïsmeel ( anders plakt het ).
  • Ochtendzwemmen

    Vanochtend was ik laat op, ik had net nog tijd om te zwemmen. Het was nog donker om kwart over zes, half zeven, voor het eerst weer, na de zomer. Er waren sterren en een streepje nieuwe maan, net boven de boomtoppen. Het was koud. Ik twijfelde of ik wel het water in zou gaan.

    Het was fantastisch om te zwemmen met de sterren boven mij in de zwartblauwe lucht, de nog zwartere contouren van de bomen rondom en het zwarte water, en opzij dat maansikkeltje.