De natuurbeschermingsregels van Rob Bijlsma in Kerken van goud, dominees van hout

Rob Bijlsma is natuuronderzoeker. Een man van lange adem en erg langlopende tijdreeksen. Zijn onderzoek heeft een schat aan informatie opgeleverd. Niet de informatie waar je blij van wordt.

Rob Bijlsma doet aan het eind van zijn boek een voorstel. Het is nogal radikaal. De vele punten zijn nogal wild opgeschreven en volgens mij terug te brengen tot :

  • Geen mensen in natuurgebieden.
  • Geen beheersingrepen in natuurgebieden tenzij echt, echt, echt onontkoombaar, op basis van wetenschap en grondige gevolganalyse *.
  • Soortenbeheer vervangen door beheer van ecosystemen.

Kan ik mij goed in vinden.

Bijlsma benadrukt nogal het belang van snijden in organisaties en geld. Dat helpt ongetwijfeld voorkomen dat mensen plannen gaan bedenken en uitvoeren enkel om hun bestaansrecht te bewijzen. Op mij komt het rancuneus over. Het beperken van organisaties tot enthousiaste vrijwilligers vind ik onzin. Enthousiaste vrijwilligers kunnen ook schade aanrichten. Juist zij, de liefhebbers, richten schade aan op zoek naar net dat ene plantje en beestje. Misschien heb je meer aan een standvastige technocraat met een flink salaris die zich onverzettelijk houdt aan de drie bovengenoemde richtlijnen.

En Bijlsma vergeet de ingrepen buiten de natuurgebieden die nodig zijn om de natuurgebieden te beschermen **. Nou ja, dat zal hij ook wel weten, het staat er alleen niet.

* mijn favoriet : bramen om zeep helpen. Dat moet altijd mogen.
** die bramen groeien in de natuur door de stikstof  van buitenaf.