Als je vanuit het noorden de Champsaur binnenrijdt kan je afslaan naar links, naar Saint-Firmin. Daar begint het dal van La Séveraisse dat Le Valgaudemar heet. Diep in het dal ligt de camping Les Bouleaux, een fantastische camping met schaduw en aan de rivier. Met overal borden die de evacuatieroute aangeven voor het geval de Séveraisse door een regenbui buiten zijn oevers treedt. Het is dus niet handig om je tent meteen naast de rivier op te zetten. Ik zette mijn tent dus pal naast de rivier op. Daarna merkte ik hoeveel lawaai de rivier wel maakte.
Verder had ik het geweldig naar mijn zin. Op de plek helemaal links op de foto baadde ik elke dag een paar keer. Vreselijk koud, maar heerlijk.

Tegen de avond, als de bergwandelaars weer naar huis zijn, reed ik naar de parkeerplaats bij het Hôtel du Gioberney, dat aan het einde van de bergweg ligt. En erg lelijk is. Zowel de P als het hotel. Ik liep het pad op, de vallei rechts in, in de richting van Mont Gioberney. Eén of twee wandelaars nog, de laagstaande zon op de bergtoppen en de ijsvelden. Een oorverdovende stilte. Stilstaan, stil zitten en luisteren en kijken.

De eerste keer dat ik er was zat een muziekgroep te oefenen in een camper, opgeleukt zoals het een muziekgroep betaamt. Met z’n vijven of zessen, inclusief contrabas. Steeds hetzelfde stukje herhalen, iets folk-achtigs, samenvloeiend met het zicht op de vallei en de bergen.
De camping kostte € 6,50 per nacht. Alle noodzakelijke sanitair was beschikbaar, schoon en heel. Er was een wasmachine, een ijskast en slechtweerruimte. Heel basis allemaal, maar beschikbaar. Stopcontacten voor de telefoon. Geen broodjes, maar die kon je halen in La-Chapelle-en-Valgaudémar, een paar kilometer verderop, waar de winkel ook een uitgebreide sortering kaas en levensmiddelen had. Voor een dorpswinkel.



























