Lafheid, voorzichtigheid, training

Cat:

Moed is bang zijn en toch doen, lafheid is bang zijn en niet doen. Tijdens de Mudmasters van afgelopen 27 september waren er twee obstakels waarbij je van meters hoogte in het water sprong. Ik heb licht hoogtevrees en moet me nogal concentreren om ze, ondanks mijn angst, toch te nemen. Ik had er geen zin in. Lafheid, dus, lamlendigheid ook.

Van de weeromstuit ben ik de dagen na het evenement gaan oefenen op in het water springen. Dat hielp. Eerst van één meter. Even goed zoeken naar geen stenen onder water, geen probleem.

Twee en een halve meter kostte wat langer tijd. Na tien sprongen was het routine. Wat scheelde was, dat ik bedacht dat mijn hoofd twee meter meer afstand aflegt dan mijn voeten en dat 2,5 meter 4,5 meter lijkt te zijn, maar het niet is. Het is niet meer dan een spelletje, natuurlijk.

Gelijk de volgende dag ging ik weer. Nu was de twee en een halve meter iets om mijn schouders over op te halen. Voor ik naar huis moest om naar mijn werk te gaan kon ik nog net een nog hogere brug bereiken. Vier, vijf, zes meter hoog, wat zou het zijn geweest, ik sprong zonder veel angst. Training en een rustige opbouw werkt dus, ook bij angst.

De heersende gedachte is dat angst iets is om te overwinnen. Angst is een goede zaak. Het voorkomt dat je gewond raakt of doodgaat. Soms. Soms maakt angst juist dat je gewond raakt of doodgaat als deze je te lang doet terugdeinzen. Angst overwin je door toch te doen, in stapjes die bij je passen. Sommigen nemen de stap ineens, sommigen hoeven niet eens een stap te nemen.