
In een korte serie trainingen door Marcel Copini ( van Copini Buitensport ) en Nienke Schram is de Fitplan-bootcampgroep klaargestoomd voor de survivalrun in Kootstertille, natuurlijk de korte 7 km recreantenrun, je moet niet overdrijven. Op een aantal zaterdagen en zondagen hebben we de kneepjes uitgelegd gekregen en de spieren meer of minder getraind. Er zit komt nog een hoop techniek kijken bij de apenhang, het touwklimmen of de swing over ( omhoog klimmen aan bijvoorbeeld een touw en dan duikelen over het touw, de balk of de tak waar het touw aanhangt ).
De verwachtingen in de groep waren uiterst verschillend : sommigen waren in blijde verwachting maar anderen verwachtten een hel. Gelukkig was het fantastisch mooi weer, 15 graden, begin maart ( ! ), wat voor sommigen weer niet heldhaftig genoeg was. Vorig jaar lag er sneeuw. Dat was pas bikkelen …
De start vond plaats op het plaatselijke sportpark, waar wij werden verwelkomd door een muziekkorps. In al zijn kneuterigheid gaf dat een geweldige vriendelijke en ontspannen sfeer, anders dat de opgeklopte drukte van een mudrace met zijn pompende decibellen. In de kleedkamer werd mij vriendelijk gevraagd of ik het niet te warm zou krijgen met de drie lagen bovenkleding die ik aantrok. Aardig.
Het rondje om het voetbalveld meteen vanaf de startlijn was onverwacht zwaar, met de ring van vlechtmetaal. Die droeg wel veel makkelijker en prettiger dan de traditionele boomstam, maar woog evengoed meer kilo’s op het eind. De eerste uitdaging was het polsstokspringen. De sloot was niet eens zo breed, om de wachtrij te vermijden sprongen sommigen na een aanloop droog naar de overkant, maar met polsstok haalde ik het net en kon ik net voorkomen dat ik terugviel.
Verder konden wij ons vermaken met de gebruikelijke hindernissen, veel swingovers, wat apenhangen, alleen veel meer dan bij een obstacle course. Er was minder modder en minder water ; het parcours was berekend op kou. Er was weer wel boogschieten ( maar één keer, helaas, hij was wel raak ! ). Ronduit slopend waren de hindernisseries, waarvan wij twee moesten nemen. Vooral die bij de eindstreep was erg. Eerst een stukje apenhang, dan onder een net apenhangen, wat gek genoeg een stuk zwaarder is dan aan een touw, en aan het eind van het net om de balk heen waar het net aan vast zat. Vervolgens hangend aan dwars op de bewegingsrichting hangende balken naar de laatste hindernis, een bandenrij, die door de vermoeidheid moeilijker was dan gewoonlijk. Aan het eind wachtte dan nog een schuine balk, waar je gelukkig gewoon vanaf mocht glijden.
Ik was op, maar kon in het tevreden bezit nog van mijn polsbandje ( alle hindernissen gehaald ) een slinger aan de Bel van Minne (…?) te geven.
Alle vrijwilligers en organisatoren hartelijk dank.