Ik zou in vier dagen langs de kust lopen, om te kijken of ik dat kon. Ik zou overnachten op campings. Maar het was hemelvaartsweekeinde en de campings waren vol. In de duinen liepen runderen. Ik wilde niet ’s nachts gewekt worden door een kudde. Pas bij Egmond vond ik een plekje voor mijn bivakzak, net buiten het hek.


Rabarbergebak van Gebroeders Niemeijer in Amsterdam. Het brood was toen al op. Mjam.

Natuur zoals wij niet graag zien. Maar wel natuur.

Natuur zoals wij hem graag zien. Ze bloeiden bij velden vol.

De volgende dag was ik zó stijf dat ik nog vijf kilometer strompelen volhield. En omdat ik niet in het leger zit hoefde kon ik met de bus naar huis, maar niet dan nadat ik in Bergen, wachtend op de bus, een heerlijke citron mériguée at.





















