Categorie: Al het andere

Levensbeschouwing, maatschappij, boeken, films, meningkjes

  • Hoe zit dat met de Verlichting ?

    Na 9/11, de moord op Theo van Gogh en het ‘gedoe met moslims’ van de afgelopen jaren wensten West-Europeanen ‘de’ moslims een Verlichting toe. Ik had op school wel geleerd dat de Verlichting erg belangrijk was, ik weet dus ik ben, maar wat dat nou precies wel was, die Verlichting, stond mij niet meer helemaal helder voor de geest. Gelukkig lag het boek Radicale verlichting van Jonathan Israel in de boekwinkel en na een paar weken bedenktijd, vanwege de prijs, heb ik het gekocht.

    Het is een spannend boek. Het leest lekker weg. Het is een dik boek, bruto, maar door alle aanhangsels, verantwoordingen, toelichtingen, indexen, enzovoort is het netto leesvoer minder omvangrijk. Bovendien vertelt Israel hetzelfde verhaal vanuit verschillende gezichtspunten een paar keer. De essentie snap je na de eerste honderd, honderdvijftig bladzijden wel. Daar ben ik dan ook opgehouden te lezen.

    Volgens Israel heb je de vroege, middel en late verlichting. De verlichting begint in de tweede helft van de zestiende eeuw, met bijvoorbeeld Descartes en Spinoza ( in het kader van het huidige allochtonendebat : dit waren twee allochtonen. Descartes was Fransman, Spinoza’s wortels lagen in Portugal ). De republiek der verenigde Nederlanden speelt een belangrijke rol in de Verlichting. Descartes verbleef lange tijd in Nederland, Spinoza woonde in Amsterdam en later in Voorschoten. Hun ideeën waren radicaal voor die tijd. De kerk had lange tijd de filosofie, de wereld- en levensbeschouwing bepaald. De filosofie was die van Aristoteles. Denkers als Descartes en Spinoza kwamen voort uit een opkomende wetenschappelijke wereld en dachten vanuit rationaliteit en logica. Ze wezen God niet af ; Spinoza probeerde bijvoorbeeld God te plaatsen in een rationeel, logisch denkstelsel en de begrippen ‘God’ en ‘natuur’ daarin met elkaar te verbinden.

    Israel presenteert die periode van de vroege verlichting als een tijd van strijd tussen de kerk, die de oude macht vertegenwoordigt en die wordt uitgedaagd door de wetenschap, die eeuwenlang in dienst van de kerk stond maar zich steeds onafhankelijker gaat opstellen. De macht van de kerk wordt uitgedaagd en de kerk reageert met machtsuitoefening. De strijd woedt in heel Europa, niet alleen in de Nederlanden. In sommige landen, Spanje, Portugal, wint de kerk en wordt de wetenschap terug ingelijfd, in andere landen wordt de wetenschap onafhankelijk.

    De late verlichting is de tweede helft van de achttiende eeuw, als de radicale, vroege verlichtingsdenkbeelden salonfähig geworden zijn, ze zijn doorgesijpeld naar de politieke elite en de middenklasse, en als de kerk zich erbij heeft neergelegd. Culminatiepunten zijn de Franse revolutie en de constitutie van de Verenigde Staten van Amerika.

    De slachting van de Franse revolutie is niet de beste reclame voor de Verlichting. Als de Verlichting van de Franse revolutie het voorbeeld voor ‘de’ moslims van vandaag moet zijn gaat er weinig veranderen. Als we de Verlichting gelijkstellen aan een radicale breuk met geëvolueerde staatsvormen, die worden vervangen door ‘wetenschappelijke’ vormen, zijn ook de Sowjet-Unie en het Derde Rijk exponenten van de Verlichting. Misschien behoeft de Verlichting als voorbeeld voor niet-westerse samenlevingen toch enige nuancering.

  • Stiftung Weltethos

    Uitstapje met techneuten van het werk naar de CeBIT, een enorme computerbeurs in Hannover. In huurbusjes. Eten in een namaak echt Duits restaurant met echte Duitse kellnerinnen in echte Duiste rokken met tig enorme echte bierglazen in elke hand. Bratwurst en patat natuurlijk. En dan enorm veel enorme hallen met piepende en flitsende apparaatjes : de vooruitgang. En beschilderde, maar toch blote vrouwen van één of andere spelletjeswinkel. En helemaal in de veste hal, in een hoek, naast een stand van een bedrijf in bamboebouwwerken, ook prachtig, de stand van Stiftung Weltethos. Heel simpel, tien doeken met op elk doek de hoofdlijn van een wereldreligie. Dan lijken ze toch wel erg veel op elkaar. Geen geflikker, beweging en gepiep en dus nauwelijks mensen.

    Stiftung Weltethos is een initiatief van of rond Hans Kueng, theoloog van naam en faam. De grondgedachten volgens de website weltethos.org :

    “Menschen – ob weltweit, national oder lokal – sind für ein friedliches Zusammenleben auf gemeinsame elementare ethische Werte, Maßstäbe und Haltungen angewiesen. Solche Werte finden sich in allen großen religiösen und philosophischen Traditionen der Menschheit.”

    “Kernelemente eines gemeinsamen Ethos : das Prinzip Menschlichkeit, die »Goldene Regel« der Gegenseitigkeit, die Verpflichtung auf Gewaltlosigkeit, Gerechtigkeit, Wahrhaftigkeit und die Partnerschaft von Mann und Frau.”

    In het licht van de heersende tegenstellingen tussen enkele wereldreligies misschien wat idealistisch, maar mooie idealen zijn mooi en als je toch droomt, droom dan van de wereldvrede.

  • Kleine stenen, grote stenen

    Tijdens een congres voor leidinggevende functionarissen van de vijftien grootste bedrijven van de Verenigde Staten gaf een oude professor van de Ecole Nationale d’Administration Publique, één van Frankrijks beste ‘grandes écoles’, een masterclass over timemanagement. De managers hadden vijf van dat soort masterclasses per dag en de professor had maar een uur om zijn kennis over te dragen.

    De elite zat klaar om alles op te schrijven wat deze expert hen zou gaan leren. De professor keek hen aan.

    „Wij gaan een experiment doen”, zei hij.

    Van onder de tafel die hem scheidde van zijn leerlingen haalde hij een enorme glazen pot tevoorschijn, die hij voorzichtig op de tafel zette. Vervolgens deed hij zorgvuldig, één voor één, een twaalftal keien, zo groot als tennisballen in de pot, tot er niet één meer bij kon. Toen keek hij zijn leerlingen aan en vroeg : „Is de pot vol ?”

    Alle leerlingen antwoordden : „Ja”.

    Hij wachtte even en zei : „Echt waar ?”, en hij boog zich weer voorover om vanonder de tafel een zak kiezelstenen te pakken. Heel voorzichtig goot hij de inhoud van de zak over de keien in de pot, die hij daarna langzaam heen en weer bewoog. De kiezelstenen gleden tussen de keien, tot op de bodem van de pot. Weer keek hij zijn toehoorders aan en vroeg : „Is de pot nu vol ?”

    De briljante leerlingen begonnen iets te vermoeden en één van het antwoordde : „Waarschijnlijk niet”.

    Weer dook de professor onder de tafel en haalde een zak tevoorschijn. Hier zat zand in. Ook deze zak goot hij leeg in de pot. Het zand verdeelde zich tussen de keien en de kiezelstenen en nogmaals vroeg de professor : „Is de pot nú vol ?”

    De leerlingen antwoordden nu in koor : „Nee”.

    De professor nam de kan water die voor hem op de tafel stond en goot die leeg tot de pot tot de rand toe gevuld was. Toen vroeg hij : „Welke grote waarheid wordt door dit experiment bewezen ?”

    Denkend aan het onderwerp van de masterclass zei een moedige leerling : „Het bewijst dat we, zelfs al is onze agenda nog zo vol, als we willen er altijd nog wel een afspraak bij kunnen maken en we dus toch nog tijd hebben om meer te doen dan we al doen”.

    „Nee”, zei de professor, „dat is het niet. Deze proef bewijst dat als we niet eerst de grote keien in de pot stoppen we ze er naderhand niet meer in krijgen”.

    Het werd stil in de klas terwijl iedereen nadacht over de vanzelfsprekendheid van deze stelling. De professor vervolgde : „Wat zijn de grote keien in úw leven ? God? Uw gezondheid ? Uw familie ? Uw vrienden en vriendinnen ? Uw dromen verwezenlijken ? Doen waarvan u houdt? Leren ? Een goede zaak verdedigen ? Een ontspannen leven leiden ? De tijd nemen ? Iets anders ?

    Wat u moet onthouden is dat het belangrijk is dat u in uw leven begint met de gróte keien in de pot te doen, anders loopt u het risico dat uw leven niet slaagt. Als u voorrang geeft aan kleinigheden, de kiezels en het zand, zal uw leven gevuld zijn met details en zult u geen tijd meer over hebben voor de belangrijke dingen des levens. Dus, vergeet nooit uzelf de vraag te stellen : ’Wat zijn de grote keien in mijn leven?’ Als u dat weet kunt u ze als eerste in uw pot stoppen”. Met een vriendelijk gebaar groette hij zijn publiek en verliet de zaal.

  • Zitten in aandacht

    Dit stuk zou eerst over mediteren gaan. Dat vond ik te vaag. Mediteren kan alles zijn tussen kijken naar een zonsondergang op een verlaten strand en de harde tucht van een klooster. Zazen is het ook niet, al is de manier van zitten en de grondgedachte van het zitten in aandacht daaruit afkomstig. Er kleeft te veel leer aan, te veel religieus of filosofisch gebabbel.

    Zitten in aandacht, dat is het enige, dat is alles. 15 tot 45 minuten zitten op een laag, hard kussen. Een kruk is ook goed. Een stoel kan ook. Een rechte rug, maar ontspannen, schouders ontspannen, hoofd ontspannen bovenop, de kruin raakt het plafond. Rechter hand in de linker, de toppen van de duimen tegen elkaar aan, de handen met de pinken tegen de onderbuik. De voeten horen officieel op de deien, met de zolen naar boven, maar dat doet me te veel pijn. Ik was blij ergens te lezen dat in Birma de voeten voor het kussen worden gelegd, een kuit tegen een scheenbeen.

    Buikademhaling. De buik voelt de ademhaling. Soms zit de buik vast, maar dat gaat wel weer over. En dan maar zitten. De adem volgens. In. Uit. In. Uit. Of tellen. Van één tot tien en weer opnieuw. Of tot je ontdekt dat je ergens bent gaan dromen. Weer opnieuw. Gedachten komen op, of beelden, of belevenissen. Daarna ga je weer verder waar je mee bezig was: adem volgen, adem tellen. Heel gemoedelijk. Maar o, wat is die gemoedelijkheid moeilijk. Streven en toch niet streven. Het is de bedoeling dat je nergens naar streeft, maar daar streef je dan toch naar. Haha.

    Waarom zou je dat doen? Eigenlijk heb ik daar geen idee van. Mij trekt de stilte. Voor mij is het de gedachte dat ik zo het leven kan voelen. Of leven. Zitten in aandacht is leven. Het is de eenvoudigste manier van bidden en van zijn, van religie. Geen poespas, alle religiositeit afgestroopt.

    Het mooist is natuurlijk naakt zitten. Dat is alleen jezelf en het zitten.

  • Ontspannen, een handleiding

    a. Vraag je regelmatig af wat je belangrijk vindt in je leven en wat minder. Leg de lat zo hoog dat je hem gemakkelijk kunt halen.

    b. Laat je niet meeslepen door je eigen of andermans enthousiasme. Leer ‘nee’ te zeggen tegen anderen en ook tegen jezelf.

    c. Je kunt altijd terugkomen op een gesprek of op afspraken.

    d. Doe aan tijdmanagement.

    e. Luister naar je gevoel en let op waarschuwingssignalen: piekeren, spanning, slapeloosheid, hoofdpijn, snel geprikkeld, dingen tegelijk doen, de aandacht niet kunnen houden bij een zaak, behoefte jezelf te belonen (snoepen), behoefte om weg te lopen of alleen te zijn. Let op de tekens en neem die serieus. Wees dus niet zo flink op ertegenin te gaan en toch maar door te zetten. Tekenen zijn: vaak moe, niet kunnen slapen, een malende geest, met tegenzin naar het werk gaan, lijstjes maken, vooral de lijstjes die je steeds overschrijft.

    f. Op veel ontwikkelingen heb je geen invloed. Heb daar vrede mee en vertrouw op de loop van de dingen. Besef dat je tegenwerking krijgt als je tegen de stroom ingaat. In woelig vaarwater kom je langzaam vooruit.

    g. Beweeg, liefst elke dag een half uur, zonder er een doel aan te verbinden. Ontspan je regelmatig, mediteer liefst dagelijks. Neem altijd genoeg middagpauze. Zorg voor ontspanning na inspanning. Na inspanning mag ontspanning volgen. Als je niet weet hoe dat moet, zoek een vorm die bij je past en leer je te ontspannen.

    h. Als je ergens mee zit, praat er dan over. Je gevoelens en gedachten opschrijven kan je helpen ze te ordenen.

    i. Zorg voor regelmaat.

    j. Geniet. Genieten geeft veel energie. Leer luisteren naar je impulsen. Voer een prettig voornemen meteen uit en zet het niet op een lijstje.

    k. Wees je bewust van energievreters en bestrijd ze. Twee dingen tegelijk doen vreet energie net als problemen van anderen, geen nee zeggen, de radio aan tijdens je werk en boodschappen doen als het druk is.

  • Het goede leven door Fernando Savater

    1

    De mens is vrij om gedrag en woorden te kiezen. De mens is niet vrij om te kiezen wat hem overkomt, maar wel in de keuze van de reaktie op wat hem overkomt. De mens is ook vrij te kiezen wat hij zal proberen te bereiken. De mens is vrij het slechte ten goede te keren (indien die vrijheid niet van buitenaf beperkt wordt) en het goede maximaal te benutten.

    1.b

    Omdat de mens vrij is om te kiezen is de mens verantwoordelijk voor zijn keuze, zijn gedrag en zijn woorden. Verantwoordelijkheid is weten dat elke daad de mens vormt en dat elke keuze de mens verandert. Verantwoordelijkheid is de gevolgen van daden aanvaarden. Vrantwoordelijkheid – wroeging – geweten.

    1.c

    Omdat de mens vrij is in gedrag en keuze kunnen slechte mensen goed worden.

    2

    Wat is goed leven ? Een goed leven is een leven als mens. De kern van een leven als mens is mens zijn is relaties onderhouden met andere mensen. Durf jezelf een goed leven te geven.

    2.a

    De mens is vrij om gedrag en woorden te kiezen. De mens beslist zelf, binnen het web van mensen onderling, waarbinnen mensen elkaar beïnvloeden door te praten, te argumenteren, te communiceren, zich te gedragen.

    2.b

    Mensen hebben elkaar nodig voor gezelschap, waardering, genegenheid. Mensen hebben dingen nodig, bijvoorbeeld om in leven te blijven. Behandel dingen als dingen en mensen als mensen.

    2.c

    De mens als mens behandelen is proberen je in de ander te verplaatsen, de ander van binnenuit te begrijpen. Het is de bekwaamheid en de inspanning om te begrijpen wat anderen van ons kunnen verwachten. Het is rechtvaardig leven.

    2.d

    Mensen bootsen elkaar na en leren van elkaar. Ze nemen gedrag en voorkeuren van elkaar over. Daarom is het belangrijk goed te leven, want anderen zullen dat nabootsen en ervan leren. Goed leven betekent daarom uit te vinden hoe je anderen juist behandelt.

    2.e

    Rechtvaardigheid is meer dan het formele recht. Dat is een samenvatting en een vereenvoudiging van de werkelijkheid van de relaties tussen mensen.

    3

    Onweerstaanbaarheid doet de eigen verantwoordelijkheid teniet. De aanhangers van autoritair optreden geloven in de onweerstaanbaarheid en verslaving. Ze vinden dat alles dat onweerstaanbaar en verslavend is verboden moet worden (door wetten en handhaving).

    4

    Geniet !

    4.a

    Vroeger kon het schadelijk zijn voor het voortbestaan zich – te veel – over te geven aan genot. Het nam energie weg voor de strijd om het bestaan. Die angst voor genot leeft voort in de puritein. De puritein vind iets slecht als het genot geeft. Iets is goed als de mens het niet leuk vind om te doen. Iemand leeft goed als hij lijdt.

    4.b

    Een goed leven heeft een open oog voor de genieting die zich vandaag aan je voordoet. Dat is niet op jacht gaan naar alle mogelijke genietingen. Het is een voorbijkomende geneugte gebruiken. Gebruiken houdt in: met beheersing, met matigheid, met afstand, zodat de geneugte zich niet tegen je gaat keren, zodat je niet verslaafd raakt en je vrijheid weggeeft.

    4.c

    Gebruik geneugten om je leven te verdiepen en te verrijken, om vreugde te geven. Vreugde is de ervaring die genot, verdriet, dood en leven aanvaardt.

  • Sint Adelbertabdij

    Gedekte tafel Sint Adelbertabdij

    Deze foto geeft het wezen van het kloosterleven weer: de gezamenlijke maaltijd. Eenvoudig, maar voor iedereen die aanklopt en volgens de regel ontvangen wordt als Jezus zelf. Iedereen eet in stilte – hoewel, één monnik leest voor en door de luidsprekers is dat niet stil. Maar er wordt niet gekletst. Ieder denkt om wat de ander nodig zou kunnen hebben. Het is even wennen maar ik vond het een leuk spel. Het gaf een prettig gevoel iemand van dienst te kunnen zijn.

    Gang Sint Adelbertabdij

    De gang is altijd frisser dan buiten. Het ruikt er vaag naar wierook en schoonmaak-middel. Af en toe sloft een gast langs of schiet een monnikspij voorbij. Monniken kunnen ook haast hebben en voorbij snellen. Meestal is er niemand te zien. Soms galmt een geluid elders uit het gebouw, een dichtslaande deur, een bord dat op een tafel gezet wordt. Het gebouw is overal van steen dus galmt het. Het gebouw ademt stilte, rust en ontspanning. Je gaat er langzaam lopen (als gast heb je toch alle tijd).

    Alleen als een dienst begint. Dan stromen van overal mensen vandaan, sommige inderdaad gehaast, sommige heel doelgericht.

    Kerk en gebedsdienst Sint Adelbertabdij

    Fotoos van de website van de Adelbertabdij