Tag: Religie en levensbeschouwing

  • Rewilding en anarcho-naturisme

    Op zoek naar rewilding voor mijn idee van wilde buurt kwam ik het woord tegen op de Wikipeia-pagina over anarcho-naturisme. Ik wist niet dat naturisme verbonden was met anarchisme. Beide ismen komen voort uit dezelfde wortels : via het humanisme in de vijftiende eeuw ( meer aandacht voor de mens ten opzichte van God ) en de verlichting ( een belangrijker plaats voor het denken tegenover de geloofsdogma’s ) en de romantiek en vooral de industriële revolutie, die grote groepen mensen reduceerde tot een productiefactor, een machine. Het anarchisme is, in mijn erg beperkte blik, vooral een tegenbeweging. Het wil bevrijding van macht. Wat het daarvoor in de plaats stelt, hoe het anders moet, is mij niet duidelijk. Het naturisme is veel duidelijker, je kunt veel makkelijker naturistisch leven dan anarchistisch leven. Voor de anarchistische heilstaat heb je anderen nodig, naturistisch leven kan je zelf doen, tot bepaalde grenzen ( naakt door de stad lopen ).

    Gelukkig is er ook individueel anarchisme, voor mensen die niet willen wachten op de revolutie en denken dat elke revolutie zijn eigen, nieuwe machten schept. Het grote voorbeeld is de Franse revolutie. En ik denk dat veel mensen al zo leven en denken en doen zo het hun goeddunkt. Het aanhoudende gemopper en gemok duidt op een niet aflatende wens tot zelfbeschikking zonder bemoeienis van andere – anarchisme. Wat een utopie is, we zijn tenslotte samenlevingsdieren.

    Via de verwijzingen op elke Wikipedia-pagina kan je een geweldig web van gerelateerde begrippen maken ( zie de mindmap van anarcho-naturisme hieronder ). Zo mooi om te zien wat met elkaar samenhangt. Uiteindelijk kon ik zelfs mijn favoriete Lao Tzu erin kwijt. En ook de christelijke kluizenaars, en de niet christelijke natuurlijk ook, maar daar ben ik niet mee bekend, hebben trekjes van individueel anarchisten. In de christelijke wereld komt anarchisme op groepsniveau ook voor, groepen die zich afscheiden van de hoofdstroom. Ik kom zelf uit de Doopsgezinde / Mennonitische wereld, waar dat idee ook leeft, in de geschiedenis en bij sommige groepen elders op de wereld. Kortom, ik word anarcho-naturist 🙂

  • Verlichting, de beste beschrijving tot nogtoe

    In het boeddhisme is veel te doen om verlichting. Als het al geen doel is van het boeddhisme op zich of van meditatie, dan is het toch een begeerlijk bijeffect. Maar wat is dat, verlicht zijn ? In Ik ben / Zijn, gesprekken met Shri Nisargadatta Maharaj, vond ik de beste beschrijving die ik tot nogtoe las ( blz. 47 ).

    ( … ) Ik leef in een wereld van realiteit, terwijl de jouwe aan elkaar hangt van voorstellingen. Jouw wereld is een persoonlijke, een privé-wereld die je met niemand kunt delen en waar je heel diep mee verweven bent. Niemand kan haar betredenen zien zoals jij ziet of horen zoals jij hoort ; niemand kan jouw gevoelens beleven en jouw gedachten denken. Je bent in jouw werld echt helemaal alleen, ingeloten door je droom, die steeds verandert en die jij aanziet voor het leven. Mijn wereld is een pen wereld die alle mensen gemeen hebben en waar iedereen toegang heeft. In mijn wereld is er saamhorighei, inzicht, liefde, perfectie ; het individu is het totaal en het totaal zit in het individu. Alle dingen zijn één en het ene is alle dingen.

    Vraag : Is uw wereld ook vol met dingen en mensen, zoals de mijne ?

    Neen, zij is gevuld met mijzelf.

    Vraag : Maar, ziet u en hoort u niet zoals wij ?

    Ja, het lijkt alsof ik actief ben en hoor en zie en praat, maar wat mij betreft gebeurt dat net zoals zich bij jou de spijsvertering of het transpireren vanzelf voltrekken. De geest-lichaammachine zorgt ervoor, maar die laat mij erbuiten. Net zoals jij geen moeite hoeft te doen om je haar te laten groeien, zo ben ik onbekommerd over woorden en activiteiten. Ze gebeuren vanzelf, ik ben er niet bij betrokken en ik maak me er geen zorgen over, want in mijn wereld gaat nooit iets verkeerd.

  • Marina Abramovic, Walk through walls

    Wat een krachtmens. Dochter van een partizanenheld en een ontwikkelde partizanenheldin, beide belangrijk in het Joegoslavië van Tito, beide met krachtige nukken, beide Slaven zoals Marina Abramovic ze typeert : geweldig kunnen liefhebben en geweldig kunnen haten, tegelijk.

    Marina Abramovic is één van de belangrijkste performance artists, zelfs één van de uitvinders van de kunstvorm.  Ze doet performances met geweldige lichamelijke en geestelijke inspanningen en ontberingen, een paar keer met kans op de dood.

    Haar herinneringen beginnen met een levendige beschrijving van haar jeugd. Die maakt haar verdere leven en carrière begrijpelijker. Daarna volgt een opsomming van haar werken en haar leven, de mensen, ontmoetingen, relaties. Leven en werk lopen in elkaar over. Bijzonder vind ik hoe gaandeweg het boek de verbinding van haar leven en werk met spiritualiteit zichtbaar wordt, door haar leven met Aboriginals en de beschrijving van hun droomwereld,  endoor haar contacten met en verblijf bij Tibetaanse boedistische monniken. En dan is er nog de Brazilaanse sjamaan.

    Het is ook zo’n boek dat in het begin interessant is. De kennismaking met de hoofdpersoon, haar gezin, de jeugd, het begin van de carrière. Daarna wordt het een carrièreoverzicht een opsomming van werken en mensen. Alleen de uitstapjes naar religie en spiritualiteit zijn dan nog bijzondere momenten. Zoals in haar An artists life manifesto : een kunstenaar moet de stilte begrijpen en toelaten, tijd maken voor lange perioden van eenzaamheid, weg van alles, een kunstenaar moet lange perioden bij watervallen doorbrengen en bij uitbarstende vulkanen, lang naar de horizon kijken bij de zee en lang naar de sterren kijken, enzovoort.

     

  • Heelal

    Doorsnede aarde : 12.756 km
    Doorsnede zon : 1.392.530 km
    Afstand aarde-zon : 149.600.000 km

    Doorsnede ons melkwegstelsel platte vlak : 925.188.000.000.000.000 km
    Aantal sterren in ons melkwegstelsel : 150.000.000.000

    Aantal melkwegstelsels : 1 tot 900.000.000.000

    Als je wel eens op een donkere plek gekampeerd hebt heb je ’s nachts de melkweg kunnen zien : een brede streek in de hemel waar de sterren iets dichter op elkaar staan. We schijnen met het blote oog maar zesduizend sterren aan de hemel te kunnen waarnemen.

    Als je in God gelooft is het toch fantastisch dat Hij dit allemaal geschapen heeft en dat hij zich zo heeft beziggehouden met juist dit éne kleine stofje waar wij mensen op wonen. Wat zou het dat het niet letterlijk zo in de Bijbel staat de werkelijkheid is veel indrukwekkender en luisterrijker.

  • Atheïstentempel

    Alain de Botton, atheïst en filosoof te Londen, heeft het plan een tempel voor het atheïsme te bouwen, om er het leven op aarde te vieren. Het blijft rondzingen in mijn hoofd. Wel tegen religie, maar niet tegen het religieuze gevoel ?

    Het atheïsme is vooral tegen godsdienst, in eerste instantie vooral tegen het Christendom en het Jodendom. Als het dan ergens voor wil zijn, dan kom je terecht bij het humanisme, het liberalisme ( rechts, links, socialisme, communisme ) en het vieren van ‘de natuur’. Maar de natuur is te koud, te onverschillig en veel te groot voor een mens om zich er thuis bij te voelen. Aan de andere kant, wie kent niet de ‘magische’ momenten in de natuur ? Maar daar heb je weer geen tempel voor nodig, hoewel een gebouw heel goed een gevoel van aanbidding kan oproepen. De nieuwe gedachteniskapel in Berlijn, bijvoorbeeld, of de Notre Dame du Haut in Ronchamps ( vooral bekend van de buitenkant, maar de binnenkant is veel meer een belevenis ). Ook vormen en de kleuren van de kerk van de abdij van Egmond, en de gedempte geluiden, geven mij een contemplatieve houding. Het enorme kruis met een beeld van Jezus eraan draagt daar nauwelijks aan bij. Wel de zang van de levende monniken.

    Is er nu verschil tussen een atheïst en mij ? Ik geloof in God maar die komt nauwelijks voor in wat ik hierboven noem. Is God niet nodig voor een religieus gevoel of een gevoel van viering of aanbidding ? Volgens Spinoza is God de natuur. De natuur is een onuitputtelijke bron van religieuze ervaringen, vooral de verlaten natuur, neem de woestijn of het strand van Ameland.

    Als een atheïst niet in God gelooft, dan zegt een beeld van Jezus boven een altaar in een abdijkerk hem niets, noch het altaar zelf, noch het Marialicht, en is het kaarsenblok slechts een lichtbron. Dan is dat alles enkel een culturele uiting. Dan kunnen de stilte, de kleuren, de geuren en de vormen ook de atheïst bij de viering van het leven, de aarde en de kosmos brengen. Lijkt me. Maar misschien roepen al zo’n kerk en alles wat erin is bij de atheïst ergernis, boosheid of woede op. Dan staat die een religieuze ervaring in de weg, hoewel ergernis, boosheid en woede ook heel goed een religieuze ervaring kunnen zijn. Wij kennen de religieuze woede maar al te goed als inspiratiebron.

    Rare jongens, die atheïsten. Wees dan gewoon onverschillig.

  • Taoïsme, Patricia de Martelaere

    Patricia de Martelaere heeft twee boeken geschreven die ik gelezen heb : Taoïsme – De weg om niet te volgen en Wie is er bang voor de dood. Ze wordt geroemd om haar gave moeilijke onderwerpen toegankelijk te maken. Dat is haar gelukt met Taoïsme, net zoals Benjamin Hoff dat, op een totaal andere manier, deed met De TAO van Poeh. Ga ze vooral zelf lezen.

    Uit het boek van De Martelaere is me vooral bijgebleven “(…) het taoïsme lijkt mij van alle levenshoudingen die ik ken tegelijk de mildste en de hardste. Het is mild en toegeeflijk omdat het (…) niet op een normatieve manier richtinggevend wil zijn. Het ziet af van iedere bewust na te streven doelstelling en geeft geen invulling van de ‘juiste’ weg die door ieder mens zou moeten worden bewandeld om tot redding of verlossing te komen. (…) Maar dit is tegelijk ook wat het taoïsme tot het meest genadeloze en in zekere zin meest ‘onmenselijke’ systeem maakt : het laat ons reddeloos over aan onszelf, zonder enige richting of houvast. Meer zelfs : het schrijft ons voor dat het essentieel is om zich aan helemaal niets vast te houden (…) Het is niet eens duidelijk wat we hierbij uiteindelijk zullen winnen, en of er wel iets te winnen valt (…)” ( bladzijde 167-168 )

    De belangrijkste begrippen uit het taoisme :

    • Tao (dao) : Pad, kosmos, begin en einde, alles en niets, zonder vorm. Ik vind ‘stroom’ een beter woord, zie ‘woe wei’.
    • Woe wei (wu wei) : Doen door niet te handelen oftewel meegaan met de stroom, zoals vormloos water steen slijt.
    • Tsjie (qi) : Kracht of energie die alles doordrenkt.
    • Jin-jang (yin-yang): Samenhangende tegengestelden.

    Zomer 2007

    Patricia de Martelaere is overleden in 2009, 52 jaar oud.

  • De Rooms-Katholieke kerk en seksueel misbruik

    De Rooms-Katholieke kerk blijft een fascinerend raadsel. Hij zorgt voor de gelovigen, voor hun zieleheil maar handelt soms onmenselijk. De kerk is een machtsblok, maar baseert zich op een verhaal over één man met twaalf vrienden of leerlingen en wat volgelingen, zonder veel macht, die door de machthebbers van toen werd gedood. Zijn bezit is enorm en soms van een groteske luxe, maar ze baseren zich op een man die bezit relativeerde, zo niet afwees. Jezus voerde doorlopend twistgesprekken met de Farizeërs, mensen die heel goed wisten hoe een goede gelovige zich zou moeten gedragen ; ik geloof dat hij de Sadduceën ( de bovenlaag van de maatschappij, met een afstandelijker geloof ) meer links liet liggen, maar ook met hen had hij appeltjes te schillen. De katholieke kerk lijkt een bolwerk van Farizeërs en Sadduceën.

    Het probleem lijkt vooral de seksualiteit te zijn in combinatie met de macht. In deze tijd buitelen de verhalen over misbruik over elkaar heen. Eerst de VS-Amerika, dan Ierland, Duitsland, België en uiteindelijk ook Nederland. En dan hadden we het AIDS-condoom-probleem in Afrika ook nog : liever dood dan seks. Hoewel dat geen misbruik is. Het is meer misdaad.

    Dat seksueel misbruik voorkomt binnen de katholieke kerk is niet bijzonder. Dè factor die van belang is bij misbruik is macht, machtsverschil tussen dader ( met macht ) en slachtoffer ( zonder ). Misbruik kom je evengoed tegen in de Protestantse kerk en in gezins- en familieverband. En vast ook wel op het werk en op school.

    Wat de katholieke kerk bijzonder maakt is hoe het instituut omgaat met misbruik. De Protestantse kerk heeft na een paar missers een protocol ( ughh, dat woord ) opgesteld : de dader krijgt straf ; vliegt eruit. Voor het gezins- en familieverband hebben we de rechterlijke macht, die de daden van de dader ook niet met de mantel der liefde bedekt, niet meer, dat is ook wel eens anders geweest. De katholieke kerk is wat traag met het afwerpen van die mantel der liefde, tenminste van de schouders van de geestelijken. De gewone gelovige slachtoffers blijven mantelloos in de kou staan.

    Hieronder een overzicht met een paar typische zaken over kerk en seksueel misbruik en wat beschouwingen over de kerk.

    De zaak Vangheluwe

    Roger Vangheluwe was bisschop van Brugge in de Rooms-Katholieke kerk tot hij in 2010 zijn ontslag aanbood vanwege het feit dat hij zich schuldig had gemaakt aan seksueel misbruik. Dat hij zijn ontslag aanbood siert hem. Hoevele priesters gaan gewoon door. Toch loopt het vervolg niet helemaal geweldig. Het misbruik is voor de wet verjaard. Vangheluwe wordt dus niet vervolgd. De afwikkeling is volledig aan de kerk.

    20 april 2010

    De familie van een slachtoffer van Vangheluwe stuut een e-mail aan de Belgische bisschoppen, waarin ze hen op de hoogte brachten van jarenlang misbruik van een minderjarige.

    22 april 2010

    Vangheluwe dient zijn ontslag in. Eindelijk een geestelijke die consequenties trekt uit zijn daden, en dan nog op nivo.

    9 april 2011

    De Vaticaanse Congregatie voor de Geloofsleer heeft bepaald dat Bisschop Vangheluwe België moet verlaten en een “spirituele en psychologische” behandeling moet volgen. Vangheluwe blijft bisschop. Hij vraagt ook niet zelf de lekenstatus aan. Een zeer zware straf. Toch ?

    14 april 2011

    Vangheluwe geeft een zeer openhartig interview over het misbruik, dat nogal stof doet opwaaien omdat hij het misbruik bagatelliseert en geen besef heeft van het machtsverschil tussen hem en zijn neef, en de dwang die hij daardoor heeft uitgeoefend. Gelukkig nemen de Belgische bisschoppen hier op een goede manier afstand van.

    Nieuwjaarstoespraak paus 2011

    De paus in zijn nieuwjaarstoespraak : Ik kan niet zwijgen over nog een aanval op de religieuze vrijheid van gezinnen in bepaalde Europese landen, die de deelname verplichten aan seksuele voorlichting en maatschappijleer. De lessen verspreiden een visie tegengesteld aan geloof en juiste redenen. Volgens Benedictus is dit één van de bedreigingen van de “culturele wortels van de identiteit en sociale cohesie van vele naties”.

    ’Christus heeft het gebouw verlaten’

    Gerrit-Jan Klein, Trouw, 20 oktober 2010

    Colm O’Gorman werd misbruikt door een Ierse priester. Hij begon een rechtszaak tegen de kerk. Zijn vasthoudendheid leidde tot verschillende onderzoeken naar misbruik. De Ier is kritisch over de commissie Deetman ( JRS : onderzoekt namens de katholieke kerk seksueel misbruik in de katholieke kerk in Nederland. ) „Ik vind die totaal verkeerd.”

    „Het is naïef om te denken dat de rooms-katholieke kerk bezorgd is om haar imago.”

    „De katholieke kerk groeit wereldwijd nog steeds en is nog nooit zo groot geweest als nu. Het instituut kerk denkt niet zoals andere grote organisaties. Het denkt niet in periodes van dagen, weken, maanden en jaren. Nee, Rome denkt in eeuwen en millennia. Het Vaticaan maakt zich geen grote zorgen over wat er nu gebeurt. Er is, vanwege de groei, geen diepgevoelde noodzaak om te veranderen.”

    Waarom reageert de kerk zo traag?

    „De meeste mensen schatten de reactie van de kerk totaal verkeerd in. Ze typeren die als langzaam. Het is niet zo dat de kerk traag of niet reageert. Het omgekeerde is het geval, er gebeurt heel veel – op een weloverwogen manier bovendien.

    „Tot nu toe is de actie van de kerk er nog nooit op gericht om het misbruik aan te pakken. De omvang van het schandaal wordt stelselmatig gebagatelliseerd, zoveel mogelijk onder de pet gehouden. Pas als het echt niet anders kan, pas dan geven ze toe dat er ’enkele’ priesters misbruik hebben gepleegd. Misbruik wordt weggezet als incident.

    „Onzin. We weten dat de kerk vanaf het midden van de jaren negentig zelfs een verzekeringsbeleid is gaan voeren met betrekking tot pedofilie. Was dit om misbruik tegen te gaan? Welnee, het was er enkel op gericht om de macht en de welvaart van de kerk veilig te stellen. Herinnert de rooms-katholieke kerk zich de woorden van Christus: opkomen voor zwakkeren en verdrukten? Ik zie er niets van terug. Het gaat niet om rechtvaardigheid. Christus heeft het gebouw verlaten.”

    Verkrachting, abortus, excommunicatie

    Maart 2009

    Een negenjarig meisje uit Recife in Brazilië werd opgenomen in een ziekenhuis omdat ze vier maanden zwanger was van een tweeling. Haar stiefvader bleek de vader. Hij misbruikte het kind al drie jaar lang. Artsen vreesden voor het leven van het meisje en voerden een abortus uit.

    De aartsbisschop Dom José Cardoso Sobrinho reageerde meteen – vergelijk dat eens met de snelheid waarmee de RK-kerk reageert als een geestelijke kinderen misbruikt. Hij excommuniceerde de moeder van het meisje en iedereen in het ziekenhuis die betrokken was bij de abortus.

    Ik heb ergens gelezen dat het doel van excommunicatie heling en bekering is. Als de geëxcommuniceerde spijt betuigt kan de kerk hem weer opheffen. Dat de kerk verkrachters en moordenaars niet excommuniceert is omdat die daden zo weerzinwekkend zijn dat excommunicatie niet nodig is.

    Het komt erop neer dat de kerk de machtelozen en barmhartigen straft en de agressors niet.

  • Mia’s letters to friends

    Sinds kort volg ik Mia’s blog ( klik hier voor de blog ). Mia is helicopterpiloot in het Israëlische leger, bij de medische evacuatie, was transporthelicopterpiloot in Alaska, gaf les in China, groeide op in Zuid-Afrika, woonde in Zwitserland, ging naar school in de Verenigde Staten. Ze is opgeleid tot film-editor (…).

    Ik houd van haar toon. Er zit iets van een ijzeren logica in, misschien ironie, ik weet niet of dat het goede woord is. Ze is erg openhartig, op een manier die ìk niet durf, maar wel mooi vind. Ook op een heel feitelijke manier. En ze houdt van naaktzwemmen. Dan kan je niets meer fout doen.

    Schermafdruk van de blog van Mia Bat Erachaim

    In haar blog van 10 februari 2010 levert Mia een enorme lijst argumenten ´Why Jesus is not the messiah´:

    • The major Abrahamic religions have a lot in common. And a lot of differences. Jews and Muslims are monotheistic. Christians say they are too but I don’t think they are. Every Christian in the world will disagree with me on this. Jews and Muslims worship a single divine God. Christians worship God, some kind of ghostly spirit god and Jesus, who seems to drift between divine and human depending on context. Some Christians also worship Jesus’ mother, who is not a god but has some kind of divine power depending who you talk to. She is sometimes called the mother of God, which completely goes against monotheism. Some Christians also worship the Pope but I don’t think they’re supposed to. A few Christians worship Joseph Smith but that’s not really germane to this discussion.
    • Jews say that God gave his original rule book to all the Jews at Sinai. Not just Moses but thousands of witnesses. Men, women, children, believers, heretics, movie critics. Everybody. This is an important point.
    • The Messiah’s supposed to bring 1000 years of peace, end disease and suffering, unite humanity. Not eventually, someday, but immediately and without fail.
    • The Messiah’s supposed to be a direct paternal descendant of King David. Joseph may or may not have been a direct descendant of David but if Mary was a virgin then Joseph wasn’t Jesus’ father. If Joseph was his father then Mary wasn’t a virgin. You can’t have it both ways.

    Wel overtuigend. Ik vond de godheid van Jezus toch al een probleem. Het leven wordt een stuk eenvoudiger als je alleen God hebt en geen profeet die de waarheid in pacht heeft. Als ik Mia goed begrijp is bij de joden elke uitspraak die God mensen, profeet of niet, in de mond heeft gelegd, onderwerp van discussie, duiding, toetsing en twijfel. Er wordt niet zoals bij ons meteen macht mee verbonden. Ik heb ook nooit gehoord van massale moordpartijen onder Joden onderling vanwege verschillen in geloofsuitspraken, zoals we die van christenen kennen. Maar de kans is groot dat mijn kennis hierin tekortschiet. Niets menselijks is ook joden vreemd.

    Intussen ben ik dan dus geen christen meer. Jood worden gaat niet, ik ben niet opgegroeid in het jodendom en mijn moeder is geen jood. Misschien een unitariër. Er zijn tijden geweest dat ik hierom gedood was – dat islamieten dat nog steeds doen is christenen niet zo vreemd. Nou ja, ik leef nog en ben nog steeds ik. Wie wil kan zich druk maken over een passend etiket.

  • Frank Ankersmit : Voorspellen kan wél

    Een mooi artikel in Trouw. We zijn op weg God te worden en één met het heelal.

    – De geschiedenis van de mens is niet de geschiedenis van personen, staten en volken, maar de geschiedenis van de natuur ( de aarde ), want die is miljoenen jaren oud. De mens is daarentegen slechts een heel recent verschijnsel : “Deze nieuwe vorm van geschiedschrijving heet ’wereldgeschiedenis’; en het idee is hier inderdaad dat je de menselijke geschiedenis vooral moet zien als een onderdeel van de geschiedenis van de natuur.”

    – “Wereldgeschiedenis vertelt ons niet alleen een verhaal over het verleden dat we nooit hoorden, ook onze toekomst krijgt er andere, en vooral veel helderder contouren door.”

    – “Hegel ent de menselijke geschiedenis op die van de natuur. En hij doet dat door de geschiedenis van de mens te laten evolueren tot geschiedenis van de natuur. De mens wordt in de natuur opgenomen en daarmee zelf natuur, om zo te zeggen.”

    “Hegels sleutelbegrip hier is ’bewustwording’. Het unieke van de mens is dat hij zich bewust is van de wereld buiten hemzelf.

    – “Maar, zo gaat Hegel verder, het is eigen aan bewustwording dat het leiden moet tot een versmelting met datgene waar het bewustwording van is. Noem datgene waarvan we ons bewust worden B, en onszelf A. Zolang wij – A dus – nog niet geheel met B versmolten zijn, moet B onvermijdelijk nog iets hebben wat voor ons vreemd en onherkenbaar is. Pas wanneer A en B – mens en universum – geheel met elkaar versmolten zijn, pas dán kan sprake zijn van een volledige zelfbewustwording van het universum in, en door de mens. Anders gezegd : het aangeboren streven tot bewustwording van het universum leidt tot een identificatie ermee. Door die opdracht van bewustwording wórdt de mens uiteindelijk het universum. En dan heeft hij aan de natuur, aan het universum, ook de dimensie van het zelfinzicht toegevoegd. Want dat bezat de natuur zelf niet. Dat is volgens Hegel de welhaast goddelijke bestemming van de mensheid.”

    – “En nu zijn we waar Hegel ons hebben wil. Bewustwording van de natuur ging hier over in een identificatie of eenwording met de natuur. Immers, het bewustzijn kan hier klaarblijkelijk met de wetten van de natuur en die naar zijn hand zetten. De oversteek van bewustwording naar waar het bewustwording van is, werd hier dan gemaakt. De mens is hier natuur geworden. Maar hij heeft aan de natuur wel zijn meest uitzonderlijke eigenschap – namelijk het vermogen tot bewustwording – toegevoegd; dat is zijn unieke bijdrage. Het lot van de natuur is nu ook dat van de mens: de mens participeert in de oneindigheid van het universum. Aldus komt een huwelijk tot stand tussen mens en natuur, waarin de natuur haar eeuwigheid inbrengt en de mens de dimensie van het zelfbewustzijn. Er valt zeker veel voor te zeggen dit ’God’ te noemen. Zij het dat God hier dan niet staat aan de aanvang der dingen maar pas aan het einde daarvan. God is hier niet onze oorsprong, maar onze bestemming.
    En God is hier niet de ander, maar wijzelf in ons toekomstig verbond met de natuur.”

  • De almachtige God is ook maar een bedenksel

    André Droogers, Trouw, 24 november 2010
    André Droogers is emeritus hoogleraar culturele antropologie aan de Vrije Universiteit in Amsterdam.

    Arie Kuiper schreef in Letter & Geest ( Trouw, 20 november ): ’Sonja is doodgemarteld. God bestaat niet’. Waar komt het idee vandaan dat God almachtig is? En hoe ontstaat de paradox ?

    Macht dringt onvermijdelijk in godsdiensten binnen omdat mensen behoefte hebben aan een hogere instantie, een God. Die moet antwoord geven op de zware levensvragen: over goed en kwaad, leven en dood, geluk en tegenslag. Zo’n God overstijgt menselijke vermogens en dat is precies de bedoeling. De overweldigende natuur biedt daarvoor de beelden. Dus laat God als schepper de jasmijn bloeien. Zolang het over de jasmijn gaat, stemt dat tevreden. Maar o wee als de aarde gaat beven en de vulkaan uitbarst.

    Naast de natuur is de samenleving een bron voor het godsbeeld. Om de overmacht van God te benoemen, hebben mensen geen ander voorbeeld ter beschikking dan menselijke machtsvormen. Dus krijgt God kenmerken van aardse machthebbers: koning, heer, vader. Dat wordt nog versterkt doordat macht ook in de organisatie van de religie een rol speelt. Godsdienstige machthebbers dienen mede als voorbeeld voor Gods macht, ook al omdat zij die zeggen te vertegenwoordigen. Net als de godsdienstige institutie straft en beloont God, overleeft hij de gelovige, is exclusief, vraagt offers en stuurt.

    Het machtsrepertoire laat God bestaan zoals macht bestaat, met alle ongelukkige gevolgen van dien. Want met de aan God toegeschreven posities komen verwachtingen mee. God wordt geacht die aardse machthebbers zelfs in macht te overtreffen. Nog meer dan de aardse beschermers biedt hij gunsten en bescherming, tot in het wonderbaarlijke. Als machthebber wordt hij aangesproken op zijn verantwoordelijkheden.

    Wanneer dan hardhandig blijkt dat God niet in staat is om ellende te voorkomen, komen de bittere verwijten. Zoals over Sonja die doodgemarteld is. Of de Haïtiaanse slachtoffers. Gelovigen zoeken uitwegen om de machtige God in stand te houden: ’God stelt mensen op de proef’. Eigenlijk is het probleem al ingebouwd zodra gelovigen het godsbeeld doordrenken met aardse machtsbeelden. Zij voelen intuïtief wel dat ze met iets uitzonderlijks te maken hebben, maar ze blijven gevangenen van hun verbeelding en kunnen over het hemelse alleen aards stamelen. Als dat in steen gebeiteld wordt, gaat er iets goed mis.

    Maar het sterkste argument is dat religies oorspronkelijk buiten de gevestigde macht ontstaan, en dus in eerste instantie niet besmet zijn door het machtsrepertoire. Wereldreligies zijn in de marge van de samenleving opgekomen, in de woestijn bijvoorbeeld, en in reactie op de verbasterde machtsreligie van het centrum. Boeddha verliet dat machtscentrum vrijwillig, Mozes en Mohammed vluchtten, en Jezus werd door de elite gedood. In aanleg wordt dus juist niet in machtstermen gedacht en wil men er zich tegen verzetten. Niet toevallig wordt God eerder voorgesteld als kwetsbaar en vernederd, machteloos en lijdend, meer zoals de vervolgde volgelingen van de nieuwe beweging.

    Een ander repertoire dan dat van het machtige godsbeeld heeft dus veel oudere papieren. Zo begint religie in het stamelende en aftastende spel van de prille zingeving, zonder de zekerheden van de macht. Dit zingevingspel leeft van de onzekerheid. Vaste beelden worden vermeden. Leegte en stilte zijn belangrijke noties. Men weet uit ervaring dat God zich niet laat vangen in menselijke beelden.

    Zo kan God kwetsbaar en beeldvrij worden gedacht, ontdaan van alle etiketten die aan machtspolitiek ontleend waren. Er vallen dus ook geen verwijten. Het oorspronkelijke spel van de zingeving is in ere hersteld, ernstig, zoals elk spel, maar speels. Zolang dat ernstige spel duurt, gebeurt God. Dat verklaart uiteindelijk Kuipers paradox ’God bestaat niet en houdt van mij’.

  • God vinden dichtbij

    Sommige mensen maken lange reizen om God te ontmoeten, in de woestijn of op een woest eiland. Maar als God overal is moet het in de stad ook lukken, de moderne woestijn. En ja, dat gaat eigenlijk best.

    In een hoek van onze tuin hebben de vorige eigenaars een rond laten straten. Nu is de begroeiing zo groot dat het omgeven is door vier meter hoge bamboestengels, een hulst en een jeneverbes. Het is een heerlijk beschutte kamer. Daar mediteer ik, dat wil zeggen, ik zit op een meditatiekruk, ’s ochtends vroeg, na zessen. ’s Zomers is het al licht, maar nog fris. Een merel scharrelt door de bladeren. In de herfst schemert het. Om mij heen vallen druppels van de bladeren, of het miezert. Soms waait het. Langzaam trekt de kou het lijf in. ’s Winters heb ik wel in de sneeuw gezeten, met het gedempte geluid, het weerkaatste stadslicht.

    Tot mijn geluk woon ik vlakbij het recreatiegebied van de stad. ’s Zondagsochtends heel vroeg zijn er nog bijna geen auto’s. Het suizen van die ene die passeert hindert niet. Het gras is nat, het is nog koud, er hangen slierten mist op het water of er hangt één dikke mist, óf het is helder en de zon komt op boven de bomen in de verte, aan de overkant van het water.

    Of anders ’s avonds, als het schemert en de recreanten weg zijn, als de vissen grazen langs het strand, hun rugvinnen boven water, en een lepelaar zijn maaltijd uit het water zeeft.

    De waddeneilanden zijn onze eigen wildernis, ook een mooie plaats om God te vinden. Op Schiermonnikoog en Ameland vanaf de boot rechtdoor naar het strand, dan rechtsaf en doorlopen zover als je kan. Daar worden de duinen lager en het strand leger en ben je alleen met de eeuwige wind en de even eeuwig aanrollende golven. Geldt ook voor Terschelling, maar dan is rechtsaf wel een heel eind lopen. Linksaf is wel zo snel. Op Vlieland moet je na de boot juist linksaf, maar dan heb je op den duur ook een echte woestijn tot je beschikking. Alleen in de weekeinden, door de week straaljagers.

    Over meditatie heb ik eens gelezen dat het niet de weg is náár de verlichting ( het ging over boedisme ) maar dat de meditatie de verlichting ís. Niet het doel doet ertoe, maar de weg erheen. Zo is het niet de plek die je God doet ontmoeten, maar je aandacht, de ruimte die je zelf schept. Die ruimte kan je natuurlijk prima scheppen door een week vrij te nemen en op reis te gaan, waar alles nieuw is daarom je aandacht heeft, maar misschien is 365 keer een kwartier aandacht oefenen in je tuin ook het overwegen waard.