
Op weg terug naar huis van de zweethut.
Begin van de winter.

Op weg terug naar huis van de zweethut.
Begin van de winter.

Het was prachtig mistig weer. De foto is van een dag later.
Door het gedrag van de USA herinnerde ik me dat Aristoteles meer dan tweeduizend jaar geleden een verdeling van regeringsvormen bedacht. Het mooie van de verdeling is de eenvoud, lekker behapbaar. Zoals alle eenvoudige modellen kan je het natuurlijk enorm nuanceren en past de werkelijkheid niet in het model.
Het is een tabel van enerzijds het aantal heersers, veel of weinig, en anderzijds of de regering goed is voor de mensen of niet, dat wil zeggen, of een regering het algemene belang dienen of niet. De slechte regeringsvormen dienen het belang van enkelen.
Volgens Aristoteles is de democratie niet goed ! Dat is omdat alleen het belang van de meerderheid telt : the winner takes all, oftewel 50% plus één bepaalt en het belang van 50% min één telt niet meer mee, de maximaal haalbare weerstand. De goede regeringsvorm waarbij iedereen meedoet is die van de ‘polis’.
| Aantal | Goed | Slecht |
| Eén | Monarchie | Tirannie |
| Weinig | Aristocratie | Oligarchie |
| Alle | Polis | Democratie |
Zen is een weg naar de werkelijkheid achter de werkelijkheid die gewoon de werkelijkheid is. Zen ontbloot de ervaring, de ervaring buiten woorden om. Maar gek genoeg heeft zen heel veel woorden nodig om je gereed te maken voor die ervaring.
Toen ik nog fanatiek mediteerde verbaasde ik me er al over. Elke les hield de leraar een preek van een kwartier tot een half uur. Er waren vragen, er was gesprek. Thuis had ik een boekenplank vol zenboeken. 80 cm., niet eens veel.
Woorden sturen verlangens. Woorden verleiden. Woorden vervormen. Woorden dwingen. Ik heb de indruk dat zen uiteindelijk toch een cognitieve bezigheid is, dat de naakte ervaring alleen bereikbaar is na langdurige cognitieve inspanning. Mensen leren verlicht te gedragen.

Pal buiten Midsland liggen de contouren van de oude kerk, een meter of twee boven het maaiveld. Er staan bijzondere grafzerken.

Vlieland en Terschelling vanaf het Seinpaalduin.


Nee, niet ons Fryslân, aan de andere kant van de grens ligt ook een Friesland … Oost-Friesland, waar ze dan weer een soort Gronings spreken. Maar niet in deze Krimi. Die grappig is, vind ik althans. Wat dubieus is, want : kan Duitse humor ? Ze vinden zelf van wel : het ZDF ( de tweede Duitse TV-zender ) noemt dit Friesland, eine humorvollen Krimi ( ik hoop dat ik de naamvallen goed heb ). Alsof ze het zelf ook niet helemaal geloven en het er voor de zekerheid maar even bij vermelden.

Het is allemaal fijn over de top, daar op het politiebureau van Leer, met twee Streifenpolizisten ( uniformagenten ? ), de serieuze Özlügül en de blonde versierder Karstens, die er echt verstand van hebben, en de sarcastische, neerbuigende Kriminalhauptkommissar Brockhorst, die strafcorvee doet op het platteland en steevast de te gemakkelijke weg kiest. Dan is er de begrafenisondernemer met een wietplantage in de kelder, waar de slachtoffers worden opgeslagen. Zodat de apotheekster zich kan uitleven in haar hobby, het forensisch onderzoek.
Het laatste weekeinde dat de camping open was. De nieuwe tent, één van de duurste ooit. Hij kan aan twee kanten open, zodat je vanuit de tent altijd een luwe kant hebt om te koken. Prachtig afgewerkt, mag ook wel voor die prijs. Veel bagageruimte. Uitstekende ventilatie. Je kunt de tent in beginsel met zes haringen vastzetten ! Als het hard waait kan je zes scheerlijnen spannen.

Doorzontent, Fjällräven Abisko dome 2.
Twee minpunten, waarvan één grote. Het kleine : er lopen draden één of twee centimeter boven de grond, tussen de beide uiteinden van elke tentstok. Ik had er geen last van, maar ik vind het niet mooi en niet fijn.
Het grote : hoewel het lijkt alsof het grondzeil aan de tent vastgemaakt kan worden, kon ik dat met geen mogelijkheid voor elkaar krijgen. Aan de tent zitten ringen, aan het grondzeil dwarsstokjes die je door die ringen zou kunnen steken, zo’n houtje-touwtje-systeem. Ik heb de tent helemaal los gemaakt, strak gezet, kracht gezet. Niets werkte. Bovendien zitten die ringen zo, dat het grondzeil een paar centimeter boven de grond zou zweven. Boven op die genoemde draden. Hij kan er ook onder, maar dan zitten die draden dus boven het grondzeil. En dan kan je het grondzeil helemaal niet aan de tent vastmaken, want de ringen daarvoor – als ze daarvoor zijn – zitten boven een andere bevestiging.
Misschien nog een ietsie klein minpuntje : de scheerlijnen zijn erg lang, langer dan gebruikelijk voor zo’n kleine tent, en ze zijn dun ( maar van Dyneema, dus uiterst sterk ), waardoor ze slecht zichtbaar zijn . Op een krappe, dichtbevolkte camping kunnen mensen daar over struikelen.
Door Paul Smit, 2011
Doe geen moeite, je bent al verlicht.
Om verlicht te raken kan je een harde, pijnlijke training volgen, zoals die in de eerste boeken over zenmeditatie die ik las, van François Viallet* en Janwillem van de Wetering**, met schreeuwende, zwijgende, sarrende leraren, harde slagen op schouders, pijn in de benen en aambeien. Niet nodig. Je bent al verlicht. Dat is de inhoud van het boekje van Paul Smit, boekje, want het is 15 cm hoog, 111 bladzijden dik met lettertype 12 op 1,5 regelhoogte. Je bent er zo doorheen en dan weet je dat je verlicht bent. Om zen vrij te pleiten : zen zegt precies hetzelfde.
Ik had dit boek mee als luisterboek in de auto op weg naar en van vakantie in Frankrijk. Ik heb het een paar keer beluisterd, ik vond het geweldig. Het werd voor de verandering ook eens aangenaam voorgelezen. Vond ik. Is persoonlijk.
Het is precies dit wat Sri Nisargadatta in Ik ben / Zijn eindeloos aan ons verstand probeert te peuteren. En waarom zentraining langer kost dan het lezen van Paul Smit. Zo eenvoudig als hij het voorstelt is het in de praktijk van het leven van alledag nu eenmaal niet, want ieder van ons heeft een babbelbox in het lijf die meent de regie te hebben.
1. Je bent al verlicht. Je hoeft dus niet te oefenen om verlicht te worden. Je hoeft ook niet te oefenen.
2. Dat je denkt dat je niet verlicht bent komt doordat je denkt ‘ik’ te zijn. Als je ‘ik’ denkt maak je dualteit, tweeheid, namelijk ‘ik’ en ‘niet ik’ oftewel de wereld of de natuur. Niet-tweeheid en non-dualiteit zijn hetzelfde als a-dvaita, een Indiase filosofie.
3. Paul Smit stelt het leven voor als een film. De film verloopt precies zoals de bedoeling is. De vrije wil bestaat niet. Wat wij een bewuste keuze noemen is het verhaal dat we over onszelf bedenken nadat we de keuze gemaakt hebben. Eerst is er hersenactiviteit, dan een handeling, dan het verhaal van de verantwoording.
4. JRS : Wiens gezicht verminkt is weet precies hoe diens leven bepaald is en wordt door de omgeving. Wiens gezicht min of meer normaal is wil daar niet aan denken.
5. Het is niet mogelijk om te ontsnappen aan het maken van een zelfbeeld. Je maakt een zelfbeeld, je denkt dat je een ‘ik’ bent. Maar je kunt wel beseffen dat je dit doet. Je hebt een zelfbeeld, je bent je zelfbeeld niet.
6. De werkelijkheid is een verbeelding. Ruimte en tijd zijn de manier waarop wij de werkelijkheid denken ( naar Einstein ).
7. Ellende is de andere kant van geluk. Wij willen alleen geluk, altijd. Dat lukt niemand. Het is zinloos om het te proberen. JRS : Dit is de grote valkuil van deze denkwijze : het ontneemt elke drang tot verbetering. Met deze denkwijze geen medische ontwikkeling, geen riolering, geen eten in overvloed. Lijden, tja, dat is nu eenmaal onvermijdelijk.
8. De valkuil van de verlichte is dat hij het lijden wegdrukt, want ‘ik ben toch verlicht’ dus hoef ik niet meer te lijden’ ( JRS : de edele waarheid uit het Boedisme over de opheffing van het lijden kan je makkelijk opvatten als verwoording van juist deze valkuil als je niet beseft dat de opheffing van het lijden zit in het zonder veroordeling ondergaan van het lijden. Zie het boek Job in de Bijbel).
9. “Nadat de non-dualiteit op rationeel niveau is begrepen, gaat deze integreren in het dagelijks leven. Geleidelijk aan komt het verzet meer te vervallen en sta je meer ontspannen in het leven. De dag staat niet meer in het teken van allerlei egospelletjes zoals je zelfbeeld oppoetsen en het najagen van allerlei prikkels om je goed te voelen, maar er wordt aanschouwd wat er zich op dit moment afspeelt. Dit maakt dat jij als lichaam-geestsysteem verandert. Dat is niet alleen voor jou wennen, maar ook voor je omgeving. Wellicht gaan mensen vaker met je praten omdat ze merken dat je kunt luisteren zonder al te veel oordelen en zonder eigenbelang. Of mensen vinden de rust die in je ontstaat erg fijn. Maar de omgeving raakt ook wel eens in paniek ! Want je bent minder snel te raken en te manipuleren, je kiest niet s=zo snel meer partij en gelooft niet meer in allerlei overtuigingen. Daarnaast maak je je over diverse zaken niet meer druk en hecht je niet meer aan de uitkomsten van allerlei plannen. En dat waren mensen helemaal niet van je gewend waardoor dit nogal eens wat verzet kan veroorzaken.”
10. “ ‘Ja, als je zo gaat leven als jij omschrijft, dan wordt het wel heel gemakkelijk! ‘ Dat klopt, dat is ook zo.”
Ik dacht nog aan het begrip interbeing van Tich Nath Han, dat het papier met letters voor je neus afhangt van de papiermaker, de machinemaker, de ijzermaker, de houthakker, de transporteur, de boer, die hun eten maakt, de huishouders, enzovoort, enzovoort.
* Terug met lege handen.
** De lege spiegel ; Het dagende niets ; Zuivere leegte.
Als je vanuit het noorden de Champsaur binnenrijdt kan je afslaan naar links, naar Saint-Firmin. Daar begint het dal van La Séveraisse dat Le Valgaudemar heet. Diep in het dal ligt de camping Les Bouleaux, een fantastische camping met schaduw en aan de rivier. Met overal borden die de evacuatieroute aangeven voor het geval de Séveraisse door een regenbui buiten zijn oevers treedt. Het is dus niet handig om je tent meteen naast de rivier op te zetten. Ik zette mijn tent dus pal naast de rivier op. Daarna merkte ik hoeveel lawaai de rivier wel maakte.
Verder had ik het geweldig naar mijn zin. Op de plek helemaal links op de foto baadde ik elke dag een paar keer. Vreselijk koud, maar heerlijk.

Tegen de avond, als de bergwandelaars weer naar huis zijn, reed ik naar de parkeerplaats bij het Hôtel du Gioberney, dat aan het einde van de bergweg ligt. En erg lelijk is. Zowel de P als het hotel. Ik liep het pad op, de vallei rechts in, in de richting van Mont Gioberney. Eén of twee wandelaars nog, de laagstaande zon op de bergtoppen en de ijsvelden. Een oorverdovende stilte. Stilstaan, stil zitten en luisteren en kijken.

De eerste keer dat ik er was zat een muziekgroep te oefenen in een camper, opgeleukt zoals het een muziekgroep betaamt. Met z’n vijven of zessen, inclusief contrabas. Steeds hetzelfde stukje herhalen, iets folk-achtigs, samenvloeiend met het zicht op de vallei en de bergen.
De camping kostte € 6,50 per nacht. Alle noodzakelijke sanitair was beschikbaar, schoon en heel. Er was een wasmachine, een ijskast en slechtweerruimte. Heel basis allemaal, maar beschikbaar. Stopcontacten voor de telefoon. Geen broodjes, maar die kon je halen in La-Chapelle-en-Valgaudémar, een paar kilometer verderop, waar de winkel ook een uitgebreide sortering kaas en levensmiddelen had. Voor een dorpswinkel.

La Chapelle-en-Valgaudémar. Oorspronkelijk was het geen doodlopende weg. Het bord is geplaatst nadat de naam was gegeven.