Blog

  • Neptunusrun, Lombardsijde, Vlaanderen

    Cat:
    Neptunusrun kazerneterrein
    Desolaat kazerneterrein

    27 oktober 2013 – België. Nu we op vakantie zijn geweest in de Verenigde Staten, waar de Nederlandse afstanden lachertjes zijn, wilde ik eens ervaren hoe het is om voor één run een Amerikaanse afstand te doen. En dan ben je zomaar in België.

    Het aanrijden was matig. De Belgische wegen hielden zich goed, op een enkele kuil in de snelweg na, maar bij het terrein zelf was geen parkeergelegenheid en de website verwees naar de naburige dorpen en de kusttram. Langs de hele Belgische kust loopt een tram. Belgen zijn vast een stuk zelfredzamer dan Nederlanders, want ik vond het maar lastig dat je na vijf uur rijden niet naar een parking geleid werd. Hoe de Belgen trouwens hun kust verknoeid hebben met dat aaneengesloten front van flats van zeven verdiepingen. De plaats van de run past daar prima bij : de legerplaats Kwartier Kamp, kaal en desolaat en net niet vervallen. Er stond een stevige wind.

    Belangrijk voor de Belgische runs is het beschilderen van het gezicht.  De verfstand  had een centrale plaats in de inschrijfloods.

    De startprocedure was anders dan die van de Nederlandse mudruns waar ik aan heb meegedaan. We moesten met 250 mensen in startkooien, een kwartier voor vertrek, aangegeven met startnummers en kleuren, maar in de praktijk kon ik er geen regelmaati in ontdekken. In de wind werd het een koud kwartier. Voordeel van de smalle kooien is dat de groep al vanaf het begin langgerekt is, wat opstoppingen voorkomt.

    Ik heb dubbele gevoelens over de run. De tweede hindernis, zandzakken dragen, ging niet door omdat de zandzakken niet op tijd teruggereden konden worden. De derde hindernis was een huisje met een stroboscoop, een leuk experiment met je waarneming, ik kon me net nog oriënteren en rechtop houden, maar er kon maar één persoon per keer langzaamaan doorheen, zodat voor de deur een opstopping ontstond. De belachelijkste hindernis was een duinhelling met schuim. Het enige hinderlijke daaraan was dat je gedwongen werd tot wandelen omdat je niet kon zien waar je je voeten plaatste. Leuk was weer wel te merken hoezeer het schuim isoleerde. Ik kreeg warme benen.

    Dan dat hele stuk over het strand, een kilometer of twee drie. Op zichzelf een goede hindernis, het was mega afzien, maar de zee was niet in het parcours betrokken. Een gemiste kans. Ik heb nog gedacht dat het vanwege de datum was dat de organisatie wilde dat je niet koud zou worden van nattigheid, maar meteen aan het begin werd je al natgespoten, dus dat kan het niet geweest zijn. Terwijl het zo simpel is : boei in het water, reddingsbrigade ernaast, klaar.

    Er was wel een hindernis in het strand opgetrokken van twee diepe sleuven gevolgd door een berg van het uitgegraven zand. In één daarvan stond wat water, in de andere niet, maar in de loop van de run liep de kuil vol zand en werd de berg lager. Bovendien kon je er gemakkelijk langsheen. En hij stond  na vijfonderd meter. Waarom niet op regelmatige afstanden nog zo’n hindernis ?

    Neptunusrun finishhindernis
    De laatste hindernis

    Aan de andere kant

    … waren een aantal tophindernissen opgebouwd, vooral leuk omdat ze lang waren.  Zoals de army drill een afwisseling van tijgeren, opdrukken, klimmen, onder camouflagenetten een lange helling op, twee andere tijgerplekken, niets zo zwaar als lang tijgeren. Hellingen met vrachtnetten omhoog en zigzaggen omlaag. En er waren muren waar je op eigen kracht overheen kon, ook een pluspunt. EN ER WAREN WARME DOUCHES IN GROTE HOEVEELHEDEN !!! Koud water gaat ook prima, maar dat de organisatie dit geregeld heeft verdient een compliment.

    Kortom, een leuke, lichte zondagmiddagbezigheid met een aantal verbeterpunten voor de organisatie.

  • Training week 7 oktober 2013

    Cat:

    Maandag
    Rust vanwege de obstacle course van zaterdag

    Dinsdag
    Bootcamptraining bovenbenen en core

    Donderdag
    Bootcamptraining met veel  lopen en sprinten

    Vrijdag
    Nadruk op bovenlichaam en beenklemmen, om ooit nog eens in een lantaarnpaal te kunnen klimmen

    Zaterdag
    Rustige looptraining 4 km met rustige oefeningen en zwemmen ( koud )

  • Surfen in Zandvoort

    Cat:
    Drie meiden met surfboards en heel lage golven

    Mijn dochter (14) wil al jaren naar Australië, al van voor we samen naar de avonturen keken van de reddingsbrigades in Australië en Nieuw-Zeeland. En dan moet ze surfen. Van de zomer heeft ze geregeld dat ze naar een surfkamp kon, op Vlieland, en vandaag gaat ze met een paar surfmeiden op herhaling, in Bloemendaal. Ik mag haar rijden, ik mag mee – moet mee, welbeschouwd.

    Het is fantastisch weer, een augustusdag in oktober. In de zon op het terras terwijl de meiden in het zand lunchen met stokbrood en salade, voor ze het water opgaan. Er staat alleen nauwelijks branding.

    Twee, drie van de zes houden het twee uur lang vol om te speuren naar een golf en daarop te proberen mee te rijden. Surfen, zo zie ik, is vooral wachten en, met deze zee, heel goed de verre rimpelingen lezen die misschien een golf gaan worden. Dan timen, aanzetten met de armen en op het goede moment op het bord springen. Het gaat mijn dochter goed af. Ik ben trots.

  • Tough dirt Woudrichem

    Cat:
    Tough Dirt Wourichem start door het water
    Vlak na de start

    5 oktober 2013 – Een ontzettend leuke run. Net als vorige week bij de Mudmasters lekker weer, minder koude wind, misschien ook door alle bomen en toen ik eenmaal bij het Henschotermeer parkeerde brak de zon door. Eerst eens zoeken naar een betaalautomaat voor de parkeerkaart. Her en der liepen al athleten hun parcours.

    Hangend een ladder passeren

    Het was niet druk, er stonden wat tentjes en er was niet de megadreunende bas, wel een speaker : wat vind jij het leukste onderdeel ? De organisatie maakte met de paar partytenten een amateuristische indruk, geen rugnummers maar polsbandjes, een garderobe met geschreven plakkertjes en de tas ging gewoon op de grond, maar alles klopte. Dit voelde als een echt sportevenement en niet een event met commerciële kantjes.

    Het parcours was prachtig, het mooiste dat ik in mijn korte modderloopbaan heb gelopen, en het zwaarste. Meteen na de start moeste we het water in. Daarna lopen over zand, door het zand omhoog tijgeren, eindje lopen, twee keer een brug opklimmen, heuveltje op, heuveltje af, weer door zand, meer water, langs het water door zand, over palen in het water, ook eens onder een brug door, heuvel op heuvel af, door zand, omhoog tijgeren door zand en dan eindelijk langs het water ( over gras ! ). Dat was de eerste kilometer. Toen kwam pas de eerste gebouwde hindernis. Naast de gebruikelijke hindernissen was er een doolhof waar we steeds over balken moesten. Het tweede deel van het parcours was vooral veel hardlopen. Door het toch kleine aantal deelnemers liep ik grote stukken bijna alleen, wat ik erg zwaar vond. Eerst vond ik dat een nadeel van het parcours, maar later zag ik het als extra hindernis en vond ik het juist mooi.

    Vanuit het water een loopbrug opklimmen
    Leuk ! Brug opklimmen

    De eerste ronde van 8,5 km eindigde door het water van het Henschotermeer. Ik was toen al kapot, maar ik zou twee ronden doen. Het is me niet gelukt dit volledig hardlopend te doen. Het eerste deel met al dat zand was een verschrikking, zo zwaar. Maar aan het eind van de ronde viel het zowaar mee. De aankomst in het water was heerlijk. Ik draaide meteen na de finisch weer het water in om even lekker af te spoelen.

    Een prachtig, zwaar parcours met lekker veel water, een mooi aantal deelnemers en een fijne sportsfeer ( zonder uitgebreide horeca en afterparty ).

  • Survivaltraining

    Cat:

    Aanstaande zaterdag 6 oktober vindt de Bikkelsurvivalrun plaats. Een deel van de hindernissen is al opgebouwd. Onze bootcamptrainer Marcel Copini is van de organiserende vereniging en we gaan een paar hindernissen doen. Het is nog licht, maar de schemer zet al in. Tussen de bomen is het donker, geen idee hoe het pad voor ons is, we vertrouwen er maar op dat het goedkomt.

    Het is leuk om van Marcel te leren hoe je hindernisen aanpakt. Heupen boven de voeten voorkomt slingeren in vrachtnetten, als je over een horizontale paal duikelt die boven zo’n net hangt, doe dat dan langzaam – ligt eigenlijk wel voor de hand – en als je over zo’n paal gaat zonder iets eronder, klem dan die paal tegen je borst. Maar ook met de juiste techniek is vier meter wel hoog, zonder net of steun.

    In het pikkedonker gingen we langs een touw over een sloot, wat bij sommigen nèt ging voor ze compleet verzuurden. Tot slot nog een paar standaard core-oefeningen op de camping, met licht, toch ook wel handig.

    Bepaald niet zwaar en toch een paar grenzen verlegd.

  • Ochtendzwemmen

    Cat: , ,

    Vanochtend was ik laat op, ik had net nog tijd om te zwemmen. Het was nog donker om kwart over zes, half zeven, voor het eerst weer, na de zomer. Er waren sterren en een streepje nieuwe maan, net boven de boomtoppen. Het was koud. Ik twijfelde of ik wel het water in zou gaan.

    Het was fantastisch om te zwemmen met de sterren boven mij in de zwartblauwe lucht, de nog zwartere contouren van de bomen rondom en het zwarte water, en opzij dat maansikkeltje.

  • Training

    Cat:

    Onze trainer Nienke had een programma met oefeningen in tweetallen. Door in tweetallen te werken werden de oefeningen instabiel. Daarbij spreek je spieren meer aan en spreek je ook meer spieren aan. Een leuke was één persoon op zijn rug, armen omhoog in een omgekeerde ligsteun, de tweede persoon in ligsteun daarboven en om de beurt opdrukken. De rugliggende persoon drukt de ander omhoog, de persoon in ligsteun druk gewoon op. Door de instabiliteit, die toeneemt met de vermoeidheid, is de oefening een stuk moeilijker en zwaarden dan als je hem alleen doet.

  • Mudmasters Biddinghuizen 2013

    Cat:
    Deelnemers nemen de hindernis modderige loopgaven

    De tweede aflevering van de zomer Mudmasters, dit keer niet in Hoofddorp maar in Biddinghuizen, Flevoland. Geen bewolking en regen, maar een zonnetje en een koude wind. Op de parkeerplaats trek ik mijn warmteshirt aan, maar in het startvak twijfel ik nog. Ik heb het warm. Na de ervaring van drie andere runs dit jaar is dit geen bijzondere. Leuk waren de lange waterpartijen en het stuk met de uithollingen overdwars op het eind – ongelofelijk zwaar. Vervelend waren de wachtrijen voor de waterspringschans, die ik daarom heb overgeslagen, en de halve pijp, waar ik een kwartier voor heb staan wachten.

    Bijzonder was de prestatie van de 31 deelnemers aan de marathon : 42 km hindernisbaan dus, 3,5 ronden. Lof en bewondering !

    Een rij deelnemers wacht om van de springschans in het water te kunnen springen
    De rij voor de springschans
    Deelnemers die niet willen wachten zwemmen de rij voorbij
    Voorbij de rij voor de springschans

     

  • Een straalmotor zuigt

    Cat:

    Ontdekking in het Smithsonian : een vliegtuig gaat niet vooruit omdat de straalmotor duwt, die gloeiend hete lucht die er aan de achterkant uitkomt, de motor zuigt het vliegtuig vooruit. De ontbrandende luchtstroom aan de achterkant van de motor zorgt voor een enorme onderdruk aan de voorkant van de motor.

    Zo gaat het ook met de ballon. Het is niet de ontsnappende lucht aan het zuigdingetje die de ballon doet bewegen, maar doordat de ballon krimpt ontstaat aan de bolle kant een vacuüm, waar de ballon ingetrokken wordt. En zo gaat het vast ook met scheepsschroeven.

  • Naar de Verenigde Staten

    Cat:

    De slurf sluit niet helemaal aan op het vliegtuig. Door de kier slaat een hete luchtvlaag in onze gezichten. Tjonge, dat zo’n vliegtuig zo heet wordt van het vliegen. Wij worden geleid naar een kale hal met een volledig gebrek aan sfeer. We sluiten achteraan in de rij. Engelsen vormen uit zichzelf een rij ( are you queuing ? ), Nederlanders vormen principieel geen rij, omdat er dan iemand eerst zou zijn, Amerikanen schrijven de rij voor. Overal waar een rij zou kunnen dreigen te ontstaan plaatst de verantwoordelijke paaltjes met lijnen, waartussen men zich naar de uitgang slingert. Veel van deze slingers zijn voorzien van zwarten die commando’s schreeuwen. Zwarten, ja, want na een paar dagen valt op dat alle rotbaantjes door zwarten worden uitgevoerd. Kaartjes knippen, deeg in de houtoven schieten, het verkeer opgang wapperen als politieagent ( we dachten eerst dat het gebaar een persoonlijke interpretatie van het in oorsprong statige voorschift was, maar nee, elke agent gebruikt dezelfde wapperende handjes ), de wc-rollen vervangen, werken in het fastfood-restaurant, de security scan, een zwarte huidskleur is onontbeerlijk. Gek genoeg worden de kassa’s in de supermarkten bevolkt door witte vrouwen. En Amerikanen houden van commanderen. Het is een vrij land, maar er zijn dan weer heel veel ge- en verboden en dat mag men je graag kort en luid laten weten. Mag in in Engeland geen foto’s maken dan hoor je I’m afraid there’s no photographs here, sir, in de VS is dat No fotos ! No fotos !

    Toch is mijn voornaamste indruk van Amerikanen dat ze beleefd, vriendelijk en toegankelijk zijn, waar ik Nederlanders bij terugkomst ruw, bot en gesloten vond. Ik stond na terugkomst nog geen kwartier in de supermarkt of een meisje krijste op hoge toon dat ze iets wilde en ging daarmee door toen ze niet kreeg wat ze wilde ¨C en haar moeder daar niets aan deed. In Amerika niet één keer meegemaakt. Na een week in de supermarkt lagen mij excuse me en sorry voor in de mond, voor als je iemand wilde passeren en voor als iemand jou passeerde. Als je in Nederland iemand tegenkomt op je pad in de winkel zeg je niets, mompel je vaag, kijk je weg en zoekt ieder het zelf uit. De paar ongelofelijk botte Amerikanen, die we echt wel tegengekomen zijn, vielen erg op.

    De hitte bleek niet van het vliegtuig maar van Amerika. Er was een hittegolf. De temperatuur bedroeg 98F. Dat is 37C. En vochtig. Niet te harden. De hittegolf zou een week aanhouden. Voor een goed begrip : New York ligt op dezelfde breedte als Madrid.

    Echte Amerikanen in Somerville

    Onze uitvalsbasis voor deze vakantie was Somerville, NJ. NJ staat voor de staat New Jersey. De Verenigde Staten bestaat uit 51 staten, die gedeeltelijk zelfstandig zijn. New Jersey heft bijvoorbeeld geen BTW. In de staat New York betaal je 9,75 % BTW. Amerikanen zijn diep onder de indruk van onze 21%. Alle vooroordelen vallen weer op hun plaats. Artikelen zijn goedkoper in Nederland, maar zonder BTW en een omrekenkoers van nog steeds 1,3 / 0,8 is kopen wel heel aantrekkelijk. New Jersey heeft dan weer wel een heel hoge OZB, het geld moet toch ergens vandaan komen.

    In Somerville, anderhalf uur rijden vanaf New York, verbleven we drie keer bij een gezin dat vier jaar geleden tijdens onze vakantie in ons huis verbleef. De man is Amerikaan, de vrouw van oorsprong Japanse, wat betekent dat ze beide weten wat het is om een vreemde taal te spreken. Ze doen het rustig aan, zodat wij ook mee konden komen.

    Eten

    Het vooroordeel over de Amerikaanse koelkast klopt. Hij is groot en hij is het hart van een huishouding, hij zit stampvol en maakt ijsklontjes, wat prettig is bij 37, en als je zin hebt, pak je wat, waarin je ook als gast wordt aangemoedigd. Dit gezin let op gezond eten. Eten in Amerika is een punt. De dochter van ons gastgezin wil later obese children van hun dikte en hun ongezonde leefstijl afhelpen. En inderdaad, wij zagen veel heel dikke mensen. Maar, daar zijn een paar ‘maars’ bij.

    Het is heel goed mogelijk om gezond te eten. Alle supermarkten waar we boodschappen deden hadden prachtige groenteafdelingen, met een veel grotere sortering dan de Albert Heijn. Natuurlijk verkopen ze ook potten mayonaise per gallon ( 3,8 liter ) en zijn er de fooddesserts, voedselwoestijnen, gebieden waar geen supermarkt te vinden is binnen een redelijke (auto)reistijd. Je hebt een auto nodig om een supermarkt te bereiken. Als je arm bent en geen auto betalen kunt, heb je dus een voedselprobleem. En een hele hoop armen bij elkaar levert een supermarkt niet genoeg op. Dus is er geen supermarkt. Dan is de alomtegenwoordige fastfood het enige alternatief om je calorieën te laden, maar fastfood is duur en daar blijf je dus arm van.

    Na een dag in New York merkte S ineens op : ‘Er zijn hier geen dikke mensen !’, en, verdraaid, dat was zo. Hoe komt dat nu ? Op Manhattan zijn nauwelijks supermarkten maar des te meer fastfood-restaurants. Op Manhattan wonen maar één miljoen mensen, maar elke dag komen miljoenen mensen naar het eiland om te werken. Volgens ons is de oorzaak dat het volkomen dwaas is om op Manhattan je auto te gebruiken. Het verkeer zit vast of staat stil. Dus ga je met de metro en dan moet je lopen. New Yorkers krijgen gewoon meer beweging en dat vertaalt zich in hun omvang.

    En dan heb je fastfood en fastfood. Bij de Subway kan je zelf je gezonde broodje samenstellen en we hebben heerlijk verse pizza’s gegeten. Maar je kunt ook de burger met friet kiezen bij de Burger King, zonder meer de vetste winkel waar we gegeten hebben ¨C ook de tafels waren vet ¨C en daar een beker met een liter cola bij kopen. En ijs na, natuurlijk. En koffie met appeltaart. Wij hebben trouwens erg fantasierijke interpretaties gezien van appeltaart. Beyond our fantasy in elk geval.

    Amish in Lancaster County

    Rond ‘Amish kijken’ is een hele industrie opgebouwd, van musea, restaurants met Amish eten, winkels met Amish kleedjes en Amish boeken, zelfs een real life soap vergelijkbaar met Jersey Shore, de Amerikaanse O, o, Cherzo. De ene mens bekijkt de andere. Je kunt ook scoren hoeveel Amish paard-met-wagen je ziet. De Amish kwamen in de 17e eeuw naar Amerika om vervolging vanwege hun radicale geloofsopvattingen te voorkomen. Vandaag de dag leven ze nog steeds op zeer traditionele wijze in geloofsgemeenten van ongeveer twintig gezinnen. Wat ze doen en laten wordt bepaald op basis van de Bijbel en de wens de gemeenschap te bewaren :

    • Geen banden om de tractoren om te voorkomen dat je te ver van de gemeenschap kunt afdwalen. Om dezelfde reden geen autobezit maar taxigebruik, geen autogebruik, maar gebruik van paard en wagen.
    • Weinig gevarieerde kleding om afgunst en ijdelheid te voorkomen.
    • Alleen gemeenschappelijke telefoons, buiten, langs de weg, opdat ze alleen in noodzaak gebruikt worden en niet voor ellenlange roddelgesprekken.
    • Geen gebruik van electriciteit.

    Overigens verschillen de gemeenschappen in wat ze wel en niet toelaten.

    Amerikaanse auto’s en wegen

    Ooit waren Amerikaanse auto’s het einde, de lage, brede sleeën met hun donkere motorgeluid en hun aironditoning. Nu zie je vooral Japanse auto’s op de weg. Het luxe segment wordt bevolkt door Audi’s en een enkele BMW. Voor de echte Amerikaanse man is er de pickup, een totaal belachelijk, opgepompt klein vrachtautotje van enorme afmetingen en, toegegeven, een prachtig, donker motorgeluid. Dit jaar is voor het eerst in twintig jaar een Amerikaase auto auto van het jaar geworden. In de Verenigde Staten.

    Wij huurden een minivan, een kleine, busachtige auto. Het was een aardige auto, slim nagedacht over de vijf achterbanken, die allemaal in de bodem geklapt konden worden, zodat mijn vrouw daar kon slapen toen het een nacht zo hard geregend had dat de tent blank stond. Een lachwekkende verzameling opbergplekjes, de laatste vonden we pas na twee weken gebruik van de auto. Maar overal lagen kabels voor het grijpen, veel kabels, want alles kon electrisch. De bedoeling van het ontwerp was dat de mens niet zou hoeven bewegen.

    Rijden in Amerika is goed te doen. Het is even wennen aan de automatische versnelling, die soms ongelofelijk traag reageert. Wat ook wennen is zijn de vrachtauto’s, die net zo snel rijden als de personenauto’s. Ingehaald worden door een vrachtauto is niet uitzonderlijk. Een vrachtauto die met een noodgang voor jou in een gaatje kruipt ook niet. Mijn meiden waren trouwens weg van die stoere dingen met een echte motorkap in plaats van zo’n duffe, platte voorkant als de onze.

    De maximumsnelheid is ongeveer 110 km/u ( 65 mijl ) en daar houdt men zich ongeveer aan. Op de snelweg mag je rechts inhalen ( keep your lane ), maar op tweebaanswegen rijdt iedereen rechts en op driebaanswegen rijdt iedereen midden, de rechterbaan is voor in- en uitvoegen, of, dat is weer wennen, blijkt bij de volgende afslag ineens de afrit te zijn ¡K Als analfabete automobilist ben je niet jarig : alle verkeersborden zijn tekstborden !

    Maar dan de staat van de wegen. Maarten van Rossum, onze nationale Amerikadeskundige, noemde de wegen ‘sleets’ en hij heeft gelijk. Na dertig jaar zo weinig mogelijk uitgeven volgens de neoliberale stelregel ‘belasting is georganiseerde diefstal’, kom je weliswaar prima vooruit, maar dat is het dan ook. Wat zijn de Nederlandse wegen prachtig aangelegd en onderhouden. En schoongehouden. Een tip die ik voorlopig niet aan Rutte doorstuur is gemeengoed in Amerika : je geeft steeds twee mijl vluchtstrook van de snelweg in beheer aan de plaatselijke rotary, meisjespadvinders, wildbeheerseenheid, karateclub of carnavalsvereniging, die daar dan de resten van ontplofte banden, bekers van de Mac en boomstronken moet opruimen. Als tegenprestatie mag hun naam op een bordje langs de weg. Zodat je soms heel nette vluchtstroken ziet. Het is wel een leuk tijdverdrijf om die bordjes te lezen.

    Kamperen in Amerika

    Wij zijn gewend om te kamperen, dus dat deden we. Onze kennissen leenden ons de tent en wat spullen. Maar Amerikaans kamperen is anders. De Amerikaanse tenten zijn gemaakt voor warmte en dat was tijdens de hete de eerste dagen geweldig. Een groot deel van het dak is muggengaas, zodat je ’s nachts de sterren boven je zag en de vuurvliegjes, die gedurende de nacht steeds hoger vlogen.

    De tent was minder geschikt voor regen. Over dat muggengaas spande je een soort dakje, maar dat was niet helemaal waterdicht, net als de rest van de tent. Gelukkig sliepen drie van ons vier niet op de Europese matjes maar op veldbedden. Voor de vierde was het een uitkomst dat de auto zo groot was. Met de stoelen neergeklapt kon ze op de vlakke vloer droog slapen. Het is ook helemaal niet de bedoeling dat de tent waterdicht is. Boven de tent moet je namelijk een heel groot zeil spannen, om de tent droog te houden. Maar dat ontdekten we pas later.

    Toen de temperatuur normaal werd, werd het koud in de tent. In een tweedehandswinkel langs de weg vonden dekbedden voor twee dollar. Geluk is soms zo simpel.

    Wat eet je, naast je tent ? BBQ ! Elke tentplaats heeft een BBQ. Kochten wij een zak hout, waar we zuinig twee keer mee deden, Amerikanen kopen twee of drie zakken per dag en stoken van ’s ochtends ( worstjes ) tot ’s avonds laat ( worstjes ). Wij konden ook geen plekken vinden om af te wassen. Pas na twee weken hadden we door dat Amerikanen niet afwassen maar wegwerpspullen gebruiken. Het moet wel leuk blijven, dat kamperen. Amerikanen kamperen vooral in het weekeinde. Daarbuiten moeten zij werken. Amerikanen hebben, als ze blank zijn en een redelijke baan hebben, twee weken vakantie. Het idee dat wij vier weken aan vrije dagen hebben is voor hen niet te bevatten en niet te rijmen met het idee, dat Amerika het beste land op aarde is. Ik denk dat een hoop Amerikanen vermoeden dat wij vals spelen, ergens.

    Als je zwart bent of latino of Chinees heb je twee of drie banen en werk je altijd.

    DC

    … oftewel Washington. DC betekent ‘District of Columbia’. ‘Columbia’ is een oude naam voor Amerika. In DC, oorspronkelijk een vierkant van 10 bij 10 mijl, liggen de overheidsgebouwen, de ministeries, de lobbykantoren, en vooral de National Mall, met het Capitol, dat witte gebouw met die koepel, waar de Amerikaanse eerste en tweede kamer in huizen, en het Witte Huis dwars daarop. De president woont boven zijn werk. Dan heb je de obelisk ter nagedachtenis aan president George Washington en verderop, na de Reflecting Pool, bekend van de plaatjes van de toespraak van Martin Luther King, het Lincoln Memorial, ter nagedachtenis aan president Lincoln, die president was tijdens de burgeroorlog ( en vlak daarna vermoord werd ; een stuk of wat Amerikaanse presidenten is vermoord ). Dr. King sprak vanaf de trappen van dit monument. De afschaffing van de slavernij was de inzet van de burgeroorlog, Lincolns inzet, vandaar.

    Aan de National Mall liggen ook een paar musea. Wij bezochten het Smithsonian Air and Space Museum. Gratis !!!!! met een overvloed aan memorabele vliegtuigen en ruimtevaartuigen. Geweldig. Hier kochten wij ook het absolute dieptepunt aan eten. Iets wat in woord en afbeelding werd aangekondigd als een sappige 7-inch-pizza voor 7 dollar, maar bij nameting bij lange na geen 7 inch was en eigenlijk ook geen pizza, maar een cracker met ontwaterd rood smeersel en salami, die daar pepperoni heet, die zolang was verwarmd dat hij aan een zoute stuiver deed denken. De opwinding over deze wanprestatie voorkwam dat we verhaal gingen halen. Bovendien was hij zo klein dat hij op was voor we het doorhadden.

    Independence Hall, Philadelphia

    Philadelphia is de bakermat van de Verenigde Staten. Het was in deze stad dat een aantal prominenten, de mannen op de dollarbiljetten, de Verenigde Staten onafhankelijk verklaarden van Groot-Brittannië. Het gebouw waar ze dat deden bestond niet meer, maar is lang geleden nagebouwd. Dag in dag uit staat er een rij voor, voor een rondleiding van een kwartier. Hoewel nep is het gebouw ontzettend belangrijk voor de Amerikaanse identiteit, net als de Vrijheidsbel, een luidklok met een scheur erin, die tentoongesteld wordt in een gebouw even verderop. Waarom die belangrijk is weet ik niet. Even belangrijk is de verklaring van onafhankelijkheid, die in Washington te zien is en die zo belangrijk is dat hij ’s avonds in een atoomvrije kluis wordt bewaard. Ook dat is niet de echte, maar een handschrift dat een paar weken later is gemaakt. De oorspronkelijke verklaringen waren gedrukt. De eerste president was rijk geworden als drukker, reuze handig.

    Catskill Mountains

    In New York wonen 9,5 miljoen mensen, in de omringende stedelijke gebieden nog eens 9 miljoen ( de wijk Brooklyn zou de vierde grootste stad van de VS zijn ). Toch vind je 200 km ten noorden van New York wildernis en dan niet zoals het Nederlandse bos met elke 100 m een pad en hier en daar een omgevallen boom. Amerika is leeg.  De Verenigde Staten zijn twee keer zo groot als de Europese Unie, maar in de EU wonen meer mensen ( 507 miljoen in 2013 tegen 314 miljoen in 2012 in de VS ). De VS zijn dus veel leger.

    De Catskills is een gebied met volledig beboste heuvels. Het is niet eens zo groot, maar vanaf het toegangshek was onze camping vergeven van de waarschuwingen voor beren. Niet voeren ( huh ? ), geen voedsel morsen, niet slapen in de kleding waarin je gekookt had, eten opbergen in de auto of zeven meter hoog in de boom hangen en 3 meter van de stam. De vermoeide ranger ¨C de hele nacht beren verjaagd ¨C onderwees ons met klem nogmaals de gevaren van de 450 beren die in de Catskills leven.

    De camping was leeg, het was geen weekeind, we herkenden het patroon, het enige bewoonde plekje, met eigen oprit, was dat naast ons. We zetten de tent op en gingen koken, goed oppassend niet te morsen. Het was ongelofelijk stil. Geen auto’s, geen landbouwvoertuigen, geen weg in de verte, niet een ver vliegtuig. Zelfs gen mug en geen wind in de bladeren. Alleen onze eigen geluiden. De stilte is spannend en vanzelf ga je wat zachter praten.

    Onze buren had ik onder het eten als eens van hun plekje ‘het bos’ in zien lopen. De natuur begon meteen na de barbecue, waar een smal paadje liep onder dennen, door zaailingen, wat armetierige schaduwplantjes en rottende boomstammen. Na twintig meter hield het pad op, daar begon een steile helling naar een beekje. Bij het beekje kraakten een paar dikke takken. Ik verwachtte iemand te zien, maar de zwarte schim vijftig meter verderop niet vertikaal maar horizontaal en waggelde traag. Nog maar drie uur op de camping en de eerste beer ¡K Nooit weer een beer gezien, maar de ervaring gaf extra diepte aan de wandeling naar het toiletgebouw, ’s avonds, over een onverlichte camping. Vooral die avond met grondmist.

    Verder was er weinig te beleven. Er waren een paar wegen, waar huizen aan stonden, sommige in staat van ontbinding, dat was te begrijpen, maar andere niet ¨C waar leefden die mensen van ? Langs de weg die vanuit New York het makkelijkst te bereiken was stonden prachtig onderhouden, veel te glanzende oude boerderijen, het Amerikaanse equivalent van sommige Drentse dorpen, de idylle die het boerenleven nooit geweest is. De dichtstbijzijnde supermarkt was een half uur rijden, maar dat was dan ook een supersuper met  ¨C eindelijk ¨C echt brood, mèt korst en zònder suiker. Maar weer zonder de bbq-pakketten die de AH verkoopt. We zijn twee keer op oude binnenbanden met een rivier meegespoeld, erg leuk.

    New York

    New York is fantastisch. Ongelofelijk lelijk, bij gebrek aan een welstandscommissie en met beperkte openbare middelen. Het bruist de hele dag en nacht door. ’s Avonds door New York lopen is het leukst, dichter bij de evenaar is het vroeger donker, nog steeds overal mensen, maar veel ontspannener, gedempter gedreun van het verkeer en de airco’s en de warmte van de dag die tussen de gebouwen hangt. Op de eerste avond liepen we recht Grand Central Station binnen, een adembenemend monument, door Jackie Kennedy van de sloop gered ( dank, dank, dank ). Dan linksaf naar Times Square, met z’n stralende beeldschermen en opgewonden toeristenmassa. Een wittig geverfd jongemannengezicht met stalen ogen prijst uitdagend iets aan met de woorden ´Hail Satan´, er hoort ook een wittig muizenmeisje bij, een Echte Gristen kan dat natuurlijk niet over zijn kant laten gaan en roept iets met ´Jesus´ erin, wat helpt, inzoverre, dat nu de politie preventief moet optreeden door onwillig tussen beide mannen te slenteren en wat te prevelen en de mannen uit elkaar de wandelen. Iedereen accepteert zonder morren zijn rol, de toeristen grinniken, ja, ja, dat heb je bij ons thuis niet en als de man met de stalen ogen toe is aan zijn flesje water en de film van zijn optreden gaat bekijken gaat iedereen tevreden zijns weegs.

    Op de terugweg naar het hotel komen we langs een terras dat de gemeente daar blijkbaar heeft neergezet, geen horeca in de buurt, waar mensen zitten te keuvelen, bezig zijn met hun mobiele telefoon of gewoon wat zitten. Het is niet de bedoeling dat daklozen van de voorziening gebruik maken. Uit het niets komt iemand aanzetten die daar blijkbaar voor moet zorgen, een zwarte die bezig is aan zijn derde baantje en die de nog berooidere zwarte verwijst naar de stoep voor de Fransiscaanse kerk verderop, waar een tiental daklozen ligt. De toerist staat erbij en kijkt en loopt door naar zijn hotel, 120 dollar per nacht, een zeer schappelijke prijs.

    Dat is gek in New York. De grond is er ongelofelijk duur ¨C we kwamen langs een stuk grond met een prijs van 1.000.000 dollar per vierkante voet, 30 bij 30 centimeter, en je kunt de luchtrechten boven het gebouw van je buurman kopen om jouw gebouw nog hoger te mogen maken ¨C maar her en der wandel je voorbij een leuk parkje vol mensen die wat lezen of de eekhoorns voeren. ’s Avonds in Chinatown werd volop gebasketbald en getaichied op nette, hel verlichte openbare sportterreinen.

    Wat doe je in New York ? Ontbijt vinden, geen enkel probleem, avondeten ook niet, superverse en smakelijke pizza’s bijvoorbeeld, restaurants uit elke cultuur, op elke hoek een Starbucks, de enige drinkbare koffie in de VS ¨C de enige koffie in de VS. De rondritbus, is verplichte kost, wandelen in Central Park en over de Brooklyn Bridge, 9/11-memorial bezoeken en de Empire State Builing beklimmen. En uren kaartjes kopen, wachten, schuifelen in de rij voor de security chek en voor de volgende security check en als het echt belangrijk is voor nog een security check.

    Andere ogen

    Wat zo’n vakantie leuk maakt is dat je door de ogen van een ander naar jezelf kijkt. Zo zie je dat de Europese beweging ‘uit Europa’ in Amerikaanse ogen onbegrijpelijk belachelijk is.

    ‘Waar kom je vandaan ?’

    ‘Ik kom uit Nederland.’

    ‘Ooo, uit Europa, ik ben twee jaar geleden naar Italië geweest en daarna naar Parijs en in hoe heet het ook alweer, Denemarken, nee, uhh, België.’

    Die kleine landjes zijn volkomen irrelevant. Het is ondenkbaar dat een klein staatje als Connecticut uit de Verenigde Staten zou stappen omdat ze moeten meebetalen aan de problemen van Missisippi en West Virginia ( het gemiddelde inkomen is twee keer zo groot ).

    De Amerikaanse blik op Noord-Europa varieert van bewondering voor de sociale voorzieningen en schaamte voor de weerstand tegen de nieuwe ziektekostenwetgeving van Obama ( ook al heeft die in de noordoostlijke staten, die rijker zijn en waar al betere sociale voorzieningen zijn, geleid tot besparingen op de gezondheidszorg ), tot afschuw over de sociale voorzieningen, waardoor de overheid het zuurverdiende geld van de middenklasse afpakt en aan de armen geeft, die het vertikken om te werken.

    Bij liberale Amerikanen, die echt wel bestaan, zelfs binnen de Republikeinse Partij, maar onze media laten liever de gratis soap van de Teaparty zien, strijdt de bewondering voor de sociale organisatie die leidt tot goede wegen met de argwaan tegen de overheid, die de reden was voor de migratie naar Amerika en voor de Amerikaanse onafhandelijkheid en die diep geworteld is in het Amerikaase denken. Europa staat voor de gemiddelde Amerikaan voor een gruwelijke, socialistische dictatuur, politieke incompetentie en de onmacht om zichzelf in stand te houden, dat laatste mede op grond van de beslissende rol die de Amerikaanse troepen in de beide wereldoorlogen hebben gespeeld, maar waar wel wat op valt af te dingen. Het waren niet de Amerikaanse troepen maar de Amerikaanse fabrieken.

    Daarbij is de Amerikaanse overheid zo opgezet dat geen van de onderdelen ongecontroleerd oppermachtig  kan worden. Dat leidt tot uiterst trage besluitvorming vol compromissen en tot hetzelfde gemopper als bij ons. Europa noordelijk van Spanje, Rome en zonder de slavische landen is echter beter georganiseerd, economisch gezonder en welvarender dan het overgrote deel van de Verenigde Staten, ook de realtief welvarende noordoostelijke staten. En innovatiever ook, de iPhone uitgezonderd. Vergeeet Amerika gidsland, Europa is ouder en beter. Het wordt tijd voor Trots op Europa.

  • Zwaargewond

    Cat:

    Dat was even balen, net begonnen met de training, box jumps op zo’n metaalrooster waar stenen inzitten, glijd ik met een voet van het rooster af, waarna het eindje van zo’n metaaldraad van het rooster een hap uit mijn scheen neemt ( 7 mm ). Gek genoeg deed het geen pijn. Eén van de anderen vond mijn sok rood worden. Toch maar terug naar het beginpunt voor een pleister. Enfin, anderhalf uur later mocht ik naar de eerste hulp voor een paar hechtingen ( ook een feest : in de eerste behandelkamer deed het licht raar, in de tweede was de behandeltafel sluk en bijna waren we uit de derde verkast omdat de arts geen hechtdraad kon vinden op de plaats waar het hoorde ).

    Een paar dagen niet sporten en dan voorzichtig kijken wat de wond niet stukmaakt.

  • Hardlopen op blote voeten

    Cat:

    Hardlopen op blote voeten wordt meer en meer gemeengoed, als idee. Je ziet nog maar weinig blootvoetige lopers. Maar het merk inov-8 heeft een schoenenlijn met afbouwende hakhoogtes, sinds jaar en dag heb je Vibram met zijn vingerschoenen.

    Nadat ik, het moet in 2005 zijn geweest, al even geleden,  op internet een website had ontdekt van iemand die op blote voeten liep, ben ik dat ook gaan uitproberen. In het dorp waar ik toen woonde liep ik korte stukjes rond het voetbalveld gaan lopen. Het voelde lekker, maar ik merkte meteen de belasting in spieren die ik blijkbaar anders niet gebruikte. Daarna verhuisden we naar de stad deed ik het nog maar sporadisch.

    Lopen op blote voeten veranderde mijn looptechniek. Het maakte mij überhaupt bewust van techniek. Het dwingt je op je voorvoeten te landen, je zakt zover door dat je hakken net de grond raken, of niet, het wordt makkelijker om kaatsend te lopen, de beweging voelt soepeler en ik vond het heerlijk. Aan mijn looptechniek met schoenen aan veranderde niets, voorzover ik weet.

    Dat je anders gaat lopen betekent ook dat je je lichaam anders belast. Je voeten vangen meer op, maar vooral mijn onderbenen en mijn knieën moesten wennen. Korte stukjes lopen veroorzaakten al spierpijn en overbelasting, zeker met mijn instabielige benen en bekken. Het was dus zaak om heel bewust kalmaan te doen en / of tegelijk krachttraining voor lopers te doen.

    Het duurde een tijd voor mijn voetzolen tegen verharde oppervlakten konden. Vooral asfalt voor auto’s zorgde voor bloedende tenen. Je voeten krijgen niet de milimeters dikke eeltplakken die ik verwachtte. De zool wordt taai leerachtig, maar blijft soepel.